Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BY4171

Rechtbank 's-Gravenhage · 23-11-2012 · zaaknummer Awb 12 / 9408

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De eis die verweerder in dit geval aan eiseres (de echtgenote van de gezinshereniger) heeft gesteld voor toelating tot Nederland, te weten dat zij dient aan te tonen dat zij vóór haar komst naar Nederland het basisexamen inburgering met goed gevolg heeft afgelegd, anders dan verweerder heeft gesteld, is in strijd met art. 7, lid 2 van de Gezinsherenigingsrichtlijn. De Rb. verwijst in dit verband naar het reeds aangehaalde standpunt van de Europese Commissie (EC), waarin de EC concludeert dat voormelde bepaling in die zin moet worden uitgelegd dat het niet toelaat dat een lidstaat een gezinslid, als bedoeld in art. 4, lid 1, aanhef en onder a, van de Gezinsherenigingsrichtlijn, van een rechtmatig in die lidstaat wonende burger van een derde land de toegang en verblijf weigert uitsluitend op de grond dat dit gezinslid niet het in de wetgeving van die lidstaat voorgeschreven inburgeringsexamen in het buitenland heeft behaald. De Rb. neemt vorenbedoeld standpunt van de EC over en maakt dat tot het hare. In hetgeen verweerder in dit verband heeft aangevoerd ziet de Rb. geen grond voor het oordeel dat verweerder in dit geval aan eiseres de eis heeft mogen stellen dat zij dient aan te tonen dat zij vóór haar komst naar Nederland het basisexamen inburgering met goed gevolg heeft afgelegd. De Rb. benadrukt dat zij zich in deze procedure enkel heeft uitgelaten omtrent de door verweerder gestelde eis dat de echtgenote van een gezinshereniger (eiseres) dient aan te tonen dat zij vóór haar komst naar Nederland het basisexamen inburgering met goed gevolg heeft afgelegd, en dat zij zich niet uitlaat omtrent de vraag welke integratievoorwaarden in het kader van art. 7, lid 2 van de Gezinsherenigingsrichtlijn mogen worden gesteld. Aangezien aan de afwijzing van de mvv-aanvraag van eiseres geen andere afwijzingsgronden ten grondslag zijn gelegd, ziet de Rb. aanleiding, onder herroeping van het primaire besluit, zelf in de zaak te voorzien, in die zin dat verweerder zal worden opgedragen tot afgifte van de gevraagde mvv aan eiseres.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.