ECLI:NL:RBSGR:2012:BX7080
Rechtbank 's-Gravenhage · 05-09-2012 · zaaknummer AWB 12/22787
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft naar voren gebracht dat van een verslechtering van de positie van Hazara’s in Ghazni geen sprake is, nu het meest recente ambtsbericht inzake Afganistan van juli 2012 vermeldt dat de situatie van deze bevolkingsgroep in Afghanistan juist is verbeterd, en dat in dat opzicht (thans) voor Hazara’s geen bijzonder risico bestaat op basis van etniciteit. Verweerder heeft het standpunt ingenomen dat hij van de juistheid van dit bericht mag uitgaan. De bevindingen van professor Maley (die overigens bij voornoemd ambtsbericht in aanmerking zijn genomen) bieden volgens verweerder geen aanknopingspunten om aan te nemen dat verweerder zijn besluitvorming niet op een dergelijk bericht heeft mogen baseren. De tegengestelde visies tussen professor Maley en het ambtsbericht kunnen dan ook op zijn hoogst als een verschil in inzicht worden aangemerkt, aldus verweerder. De rechtbank volgt dit standpunt niet. Hiertoe overweegt de rechtbank dat de positieve bevindingen in het algemeen ambtsbericht van juli 2012 gericht zijn op de algemene veiligheidssituatie van Hazara’s in Afghanistan in het algemeen, terwijl het rapport van professor Maley onder meer is toegespitst op de positie van Hazara’s in de afzonderlijke gebieden, waaronder Ghazni. In dat verband merkt de rechtbank op dat het onder overweging 12 geciteerde gedeelte uit het rapport van professor Maley specifiek ziet op de situatie van de Hazara’s in de provincie Ghazni in relatie tot onder meer de Taliban, waarbij professor Maley met name de ontwikkelingen in 2011 in ogenschouw heeft genomen. Nu het algemeen ambtsbericht van juli 2012 een dergelijke specifieke beschrijving ontbeert, kan hierin naar het oordeel van de rechtbank dan ook geen weerlegging worden gevonden voor de in deze uitspraak vermelde bevindingen van professor Maley. In dit licht bezien bestaat evenmin ruimte voor het ter zitting door verweerders gemachtigde ingenomen standpunt dat sprake is van een verschil in inzicht tussen de beide deskundigen. De rechtbank is voorts van oordeel dat op grond van het rapport van professor Maley geconcludeerd moet worden dat sprake is van een verslechtering van de veiligheidssituatie van Hazara’s in de provincie Ghazni sinds de vorige besluitvorming. Nu niet in geschil is dat eiser tot de Hazara’s behoort en dat hij afkomstig is uit de provincie Ghazni, moet die verslechtering aangemerkt worden als een novum in de zin van artikel 4:6 van de Abw.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
