ECLI:NL:RBSGR:2012:BX6847
Rechtbank 's-Gravenhage · 06-09-2012 · zaaknummer AWB 12/26311 en AWB 12/26312
Inhoudsindicatie
Betreft derde asielaanvraag waarbij verzoeker nu ook gebeurtenissen die zich na de vorige twee asielbesluiten in Irak zouden hebben voorgedaan. Ter onderbouwing hiervan heeft hij een zestal documenten overgelegd, waaronder een aantal internetartikelen. Verzoeker heeft zijn verklaringen en documenten over deze gebeurtenissen niet tijdens de vorige asielprocedures naar voren kunnen brengen. Weliswaar hangen deze gebeurtenissen samen met zijn wel eerder naar voren gebrachte werkzaamheden voor de Iraakse veiligheidsdienst, maar het feit dat verzoeker over deze werkzaamheden eerder heeft kunnen en dus moeten verklaren leidt er niet toe dat ook alle latere gebeurtenissen die het gevolg van deze werkzaamheden zijn op voorhand niet een nieuw gebleken feit of veranderde omstandigheid kunnen vormen. Dit betekent dat thans, anders dan het geval was bij de tweede asielaanvraag dient te worden beoordeeld of op voorhand is uitgesloten dat de nu door verzoeker genoemde gebeurtenissen en overgelegde documenten kunnen afdoen aan de eerdere besluiten en of deze een hernieuwde rechterlijke beoordeling rechtvaardigen. Voor de beantwoording van deze vraag is van belang dat verweerder geloofwaardig heeft geacht dat verzoeker als officier heeft gewerkt voor de Iraakse veiligheidsdienst onder het oude regime en dat uit de door verzoeker overgelegde internetartikelen blijkt dat de naam van verzoeker voorkomt op lijsten met namen van oud-officieren van de inlichtingen- en veiligheidsdienst, waarbij is aangegeven dat milities voornemens zijn deze personen te elimineren. Volgens vaste jurisprudentie van de ABRvS is geen sprake van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden indien de authenticiteit van de stukken waarmee de desbetreffende vreemdeling de door hem gestelde nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden wil aantonen, niet is vastgesteld. De door verzoeker overgelegde internetartikelen betreffen evenwel uitdraaien van op internet gepubliceerde artikelen. In zoverre is een nadere onderbouwing door verzoeker van de authenticiteit van deze documenten dan ook niet aan de orde. De voorzieningenrechter ziet vooralsnog geen aanleiding om eraan te twijfelen dat de (in het Arabisch opgestelde) artikelen ook op de door verzoeker genoemde websites zijn gepubliceerd. Internetartikelen zijn nova. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
