ECLI:NL:RBSGR:2012:BX4359
Rechtbank 's-Gravenhage · 18-07-2012 · zaaknummer AWB 12/1657
Inhoudsindicatie
In de Wwb is, anders dan in de Wij, niet voorzien in een (separate) intrekkingsbevoegdheid van het WLA of hieraan gelijk te stellen voorziening en de daarbij behorende intrekkingsgronden. Dit heeft in een aantal zaken geleid tot het oordeel dat in weerwil van artikel 78t, vijfde lid van de Wwb, nog dient te worden beslist aan de hand van de bepalingen in de Wij. Dat geldt ook in het onderhavige geval. De rechtbank legt daaraan thans mede ten grondslag dat, nu zowel het primaire als het bestreden besluit zijn gebaseerd op de bepalingen van de Wij, een beoordeling van het bestreden besluit aan de hand van de bepalingen in de Wwb, zich niet goed verdraagt met de rechterlijke toetsing, die in beginsel ex-tunc moet plaatsvinden. De rechtbank zoekt aansluiting bij de interpretatie van de CRvB van artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a van de IWwb dat nagenoeg gelijkluidend is aan artikel 78t, vijfde lid, van de Wwb. De CRvB heeft bepaald dat aan het gegeven dat in artikel 21, eerste lid, aanhef, van de Invoeringswet Wwb (hierna IWWB) naast de term “bezwaarschrift” ook de term “beroepschrift” is opgenomen, geen betekenis toekomt. Het is immers niet goed denkbaar dat de wetgever heeft beoogd de rechterlijke ex tunc-toetsing van een met toepassing van de Abw genomen besluit (op bezwaar), te doen plaatsvinden met toepassing van de Wwb. Artikel 21, eerste lid, van de IWWB moet daarom aldus worden begrepen, dat het - slechts - voorschrijft in welke gevallen het betrokken bestuursorgaan, in afwijking van de hoofdregel van onmiddellijke inwerkingtreding van de Wwb, bij de beslissing op bezwaar niettemin nog toepassing dient te geven aan de Abw.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
