Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BW6143

Rechtbank 's-Gravenhage · 23-04-2012 · zaaknummer AWB 11/10676

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Ten aanzien van eisers beroep op de artikelen 2 en 7 van Besluit 2/76 is de rechtbank van oordeel dat dit beroep faalt, reeds omdat voormeld besluit in dit geval niet van toepassing is. Hiertoe acht de rechtbank redengevend dat, gelet op de artikelen 1, 11 en 13 van voornoemd besluit, dit besluit op 20 december 1976 in werking is getreden en tot 1 december 1980 van toepassing was. Nu de feiten en omstandigheden waarop eiser zich heeft beroepen, dateren van na 1 december 1980, is Besluit 2/76 niet van toepassing. Steun voor dit standpunt vindt de rechtbank (onder meer) in de uitspraak van het Hof van 6 juni 1995 (C-434/93, inzake Bozkurt, AB 1995, 598, met name punt 14). Met betrekking tot Besluit 1/80 stelt de rechtbank allereerst vast dat tussen partijen niet in geschil is dat eiser geen aanspraken kan ontlenen aan artikel 6, eerste lid, tweede streepje, van voormeld besluit. Het betoog van eiser, onder verwijzing naar onder meer artikel 13 van Besluit 1/80, dat ten aanzien van de geldende regelgeving voor Turkse werknemers geen verslechtering in hun arbeidsomstandigheden en toegang tot arbeid mag plaatsvinden, waarmee hij doelt op de verslechtering van de situatie onder Besluit 1/80 vergeleken met Besluit 2/76 van de Turkse werknemer die drie jaar legale arbeid heeft verricht bij verschillende werkgevers, zoals eiser, faalt. Wat daar immers ook van zij, voormelde standstill-bepaling richt zich niet tot de Associatieraad, doch tot de lidstaten en Turkije. Het betoog van eiser dat hij zich toch succesvol kan beroepen op artikel 2 van Besluit 2/76, omdat deze bepaling voor hem gunstiger is dan artikel 6 van Besluit 1/80 en Besluit 1/80 blijkens de considerans ervan juist een verbetering behelst van de regelingen voor werknemers ten opzichte van Besluit 2/76, faalt. Zoals hiervoor al overwogen, is Besluit 2/76 niet van toepassing op onderhavige zaak, omdat de feiten en omstandigheden waarop eiser zich heeft beroepen dateren van na 1 december 1980. Ook uit de uitspraak van het Hof van 10 januari 2006 (C-230/03, inzake Mehmet Sedef, JV 2006/91), waarin het Hof heeft geoordeeld over de situatie van een Turkse werknemer die – kort gezegd – in de periode augustus 1977 tot september 1992 meer dan acht en een half jaar daadwerkelijk heeft gewerkt, leidt de rechtbank af dat eiser geen rechten meer kan ontlenen aan Besluit 2/76. Het Hof heeft in die uitspraak immers niet geoordeeld dat bedoelde Turkse werknemer, ondanks dat hij drie jaar legale arbeid had verricht, rechten kan ontlenen aan artikel 2 van Besluit 2/76, maar heeft de situatie van die werknemer uitsluitend beoordeeld in het licht van artikel 6 van Besluit 1/80.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.