ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5863
Rechtbank 's-Gravenhage · 24-04-2012 · zaaknummer AWB 12/10848
Inhoudsindicatie
Terugkeerbesluit, Implementatie Terugkeerrichtlijn, geen wettelijke grondslag voor het afzien van een termijn voor vrijwillig vertrek. Samenvatting: Verweerder heeft aan eiser op 10 september 2011 een terugkeerbesluit opgelegd, waarin eiser is aangezegd Nederland onmiddellijk te verlaten. Vervolgens is eiser diezelfde dag in vreemdelingenbewaring gesteld. Verweerder heeft het tegen dit besluit gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van deze rechtbank is het daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard. Hierop heeft verweerder op 29 maart 2012 opnieuw beslist op bezwaar. Volgens verweerder bestaat ten aanzien van eiser het risico dat hij zich aan het toezicht zal onttrekken als bedoeld in artikel 62, tweede lid, aanhef en onder a Vw 2000 en artikel 6.1, eerste lid, Vb 2000 gelezen in samenhang met artikel 5.1b Vb 2000, zodat niet kan worden gesteld dat aan hem ten onrechte een vertrektermijn is onthouden. De rechtbank stelt voorop dat bij een heroverweging in bezwaar in beginsel getoetst wordt aan de wettelijke voorschriften zoals die op dat moment luiden, mits die wijziging onmiddellijke werking heeft. Dit uitgangspunt gaat in dit geval niet op, gelet op de aard van het primaire besluit, en de plaats die dit besluit inneemt in de terugkeerprocedure. De rechtbank verwijst in dit verband naar het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 28 april 2011 in de zaak El Dridi (C-61/11 PPU). Naar het oordeel van de rechtbank volgt daaruit dat het terugkeerbesluit de start van de terugkeerprocedure markeert, dat de in de terugkeerprocedure opeenvolgend te ondernemen stappen nauwkeurig zijn omschreven en dat de bewaring met het oog op de verwijdering strekt tot uitvoering van het terugkeerbesluit. Op grond hiervan diende verweerder te beslissen op grond van de wet -en regelgeving zoals die gold ten tijde van het primaire besluit. Omdat in de toen geldende wet-en regelgeving geen grondslag kan worden gevonden voor het afzien van het bieden van een termijn voor vrijwillig vertrek vanwege het bestaan van een risico op onderduiken, ziet de rechtbank aanleiding het primaire besluit te herroepen.
Rechters
Advocaten
- A. van de Burgt
- S.B. Kleerekooper
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
