ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5765
Rechtbank 's-Gravenhage · 19-03-2012 · zaaknummer 12/9042 en 12/9043
Inhoudsindicatie
Verzoekers hebben wel kans gezien enige aanvullende informatie over te leggen. Zo heeft de gemachtigde van verzoekers van de Visadienst op verzoek een formulier ‘Inkijk NVIS 1.0’ ontvangen, waarop enige gegevens over de aanvragen van verzoekers, waaronder de datum aanvraag, staan vermeld. In dit formulier, dat door de gemachtigde van verzoekers is overgelegd, wordt aandacht gevraagd voor het feit dat referenten reeds zesmaal eerder een visumaanvraag hebben ingediend, waarna de betrokkenen zich bij terugkomst niet zouden hebben gemeld bij de ambassade. Voorts zouden referenten betrokken zijn geweest bij negen andere aanvragen. Verzoekers hebben de inhoud van dit formulier op dit punt betwist en aangegeven dat door verweerder hierover geen nadere uitleg is gegeven. Voorts woont referent pas sinds oktober 2011 bij referente in Nederland, aldus verzoekers. De voorzieningenrechter is van oordeel dat aan dit formulier op dit moment geen doorslaggevende betekenis toekomt. Allereerst leidt de voorzieningenrechter uit de ‘leaddatum’ van 7 februari 2012 af dat verweerder dit formulier reeds voor de vorige zitting had kunnen overleggen. Voorts stelt de voorzieningenrechter vast dat uit het enkele feit dat deze vreemdelingen zich niet hebben gemeld bij de ambassade, niet zonder meer kan worden afgeleid dat zij niet zouden zijn teruggekeerd naar hun land van herkomst. Ook overigens is deze informatie niet op juistheid te controleren. De enkele reactie van verweerder dat deze informatie twijfels oproept over de intentie van referente en verzoekers in deze zaak is in het licht van de summiere informatie op het formulier en de reactie daarop van verzoekers, onvoldoende. (…) Tot slot neemt de voorzieningenrechter in aanmerking dat verzoekers hebben aangegeven dat zij nog geen goed onderbouwd bezwaarschrift hebben kunnen indienen wegens het ontbreken van het procesdossier. Gelet op het voorgaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat het belang van verzoekers bij de gevraagde voorlopige voorziening zwaarder dient te wegen dan het belang van verweerder om verzoekers de toegang tot Nederland te onthouden. De voorzieningenrechter zal derhalve de voorlopige voorzieningen toewijzen en verweerder gebieden verzoekers te behandelen als waren zij ieder in het bezit van een visum voor de duur van 25 dagen, tot vier weken nadat verweerder op de bezwaarschriften heeft beslist.
Rechters
Advocaten
- J. Raaijmakers
- M.J.A. Leijen
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
