ECLI:NL:RBSGR:2012:BW3464
Rechtbank 's-Gravenhage · 02-04-2012 · zaaknummer AWB 11/21449, 11/21451, 11/21461 & 11/12941
Inhoudsindicatie
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor het doel “gezinsleven conform art. 8 EVRM”. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen. In het besluit is eiser tevens ongewenst verklaard. De Rb. is van oordeel dat verweerder de belangen van de overige gezinsleden van eiser, en met name de kinderen, onvoldoende heeft betrokken. Verweerder heeft slechts bekeken of er objectieve belemmeringen zijn om het gezinsleven in Nigeria uit te oefenen, geoordeeld dat die er niet zijn en overwogen dat van jonge kinderen mag worden verwacht dat zij zich elders weten aan te passen. Met deze redenering is verweerder voorbij gegaan aan de rechten die de kinderen rechtstreeks ontlenen aan hun (verworven) Nederlanderschap en hun verblijf in Nederland sinds hun geboorte, op grond waarvan zij er een gerechtvaardigd belang bij hebben om in Nederland te worden opgevoed en opgeleid. Verweerder heeft slechts gesteld dat het de keuze is van eiser en zijn partner om de kinderen eventueel in Nederland achter te laten. Verweerder heeft geen woorden gewijd aan een verdere uitwerking van dit scenario. De Rb. verklaart het beroep gegrond wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 Awb en treft ambtshalve een voorlopige voorziening. De Rb. verklaart het beroep gericht tegen de afwijzing van de aanvraag niet-ontvankelijk. De voorzieningenrechter wijst de twee ingediende verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Rechters
Advocaten
- C. Brand
- J. van Koesveld
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
