Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BW0995

Rechtbank 's-Gravenhage · 28-03-2012 · zaaknummer AWB 11/21197

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verweerder stelt zich op het standpunt dat eiser niet voor de gevraagde vergunning in aanmerking komt, nu hij niet gedurende vijf jaren ononderbroken en direct voorafgaande aan de aanvraag rechtmatig verblijf hier te lande heeft gehad. Eiser heeft zich beroepen op de uitspraak van de AbRS van 22 februari 1979 waarin de Afdeling heeft geoordeeld dat het begrip ‘hoofdverblijf’ in artikel 13, derde lid, van de Vreemdelingenwet 1965 een strikt feitelijke betekenis heeft, en daaronder niet kan worden verstaan legaal hoofdverblijf. Daarbij heeft de Afdeling de parlementaire geschiedenis van de Vreemdelingenwet 1965 in aanmerking genomen. Voorts heeft de Afdeling in die zaak van belang geacht dat de betreffende vreemdeling slechts gedurende een deel van haar verblijf in Nederland in het bezit was van een verblijfsvergunning. De rechtbank is van oordeel dat gelet op de door eiser ter zitting aangehaalde uitspraak van de AbRS van 22 februari 1979 niet valt in te zien waarom het niet in strijd is met de standstillbepaling van artikel 13 van het Besluit 1/80 om eiser tegen te werpen dat hij in de periode van 8 maart 2007 tot 31 oktober 2007 een verblijfsgat heeft.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.