Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BW0290

Rechtbank 's-Gravenhage · 15-03-2012 · zaaknummer Awb 11/21645

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Dublin / asielzoeker / gezinsleden / werkingssfeer Vo 343/2003 / verblijfstitel / vertrekmoratorium / paragraaf C3/2.3.6.3 van de Vc 2000 De echtgenoot van eiseres heeft voor de eerste maal een asielverzoek in Nederland ingediend, waarna Nederland zich op grond van de criteria van de Vo 343/2003 verantwoordelijk heeft geacht voor de behandeling van zijn asielverzoek. Gelet op het bepaalde in artikel 3, eerste lid, van de Vo 343/2003 brengt dit mee dat Nederland voor eventuele volgende in andere lidstaten ingediende asielverzoeken eveneens verantwoordelijk moet worden geacht. Naar het oordeel van de rechtbank bestaat, anders dan verweerder betoogt, dan ook geen grond voor het oordeel dat de echtgenoot van eiseres als asielzoeker niet (meer) onder de werking van Vo 343/2003 valt. Niet in geschil is dat de echtgenoot van eiseres in Nederland verblijft in afwachting van een beslissing op zijn asielaanvraag, waarbij hij valt onder het voor asielzoekers uit Syrië geldende besluit- en vertrekmoratorium van 15 juni 2011. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat het geldende besluitmoratorium voor Syrië niet kan worden aangemerkt als een verblijfstitel in vorenbedoelde zin. Verweerder is hiermee naar het oordeel van de rechtbank echter voorbij gegaan aan het feit dat de echtgenoot van eiseres tevens onder het voor Syrië geldende vertrekmoratorium valt, welk besluit moet worden aangemerkt als tijdelijke beschermingsmaatregel in vorenbedoelde zin. Steun voor dit oordeel vindt de rechtbank in artikel 45, vierde lid, juncto artikel 45, vijfde lid, van de Vw 2000, waaruit volgt dat de echtgenoot van eiseres wordt geacht rechtmatig verblijf te hebben op grond van artikel 8, onder j, van de Vw 2000. Verweerder heeft in het verweerschrift voorts betoogd dat met de aanwezigheid van de echtgenoot van eiseres in Nederland niet wordt voldaan aan het criterium dat het moet gaan om een bijzonder samenstel van factoren, als neergelegd in paragraaf C3/2.3.6.3 van de Vc 2000, omdat slechts sprake is van een enkele factor. Daarnaast is de aanwezigheid van de echtgenoot ook als op zichzelf staande factor niet een bijzondere omstandigheid nu in het beleid in paragraaf C3/2.3.6.3 van de Vc 2000 is voorzien in de situatie dat een gezinslid in Nederland verblijft. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder hiermee nog steeds niet voldoende gemotiveerd hoe het beleid als neergelegd in paragraaf C3/2.3.6.3 van de Vc 2000 en de invulling die verweerder hieraan heeft gegeven zich verhoudt tot een van de doelstellingen van de Vo 343/2003, namelijk om gezinsleden die asiel hebben aangevraagd zoveel mogelijk bijeen te houden dan wel te doen blijven.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.