Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BV8716

Rechtbank 's-Gravenhage · 13-03-2012 · zaaknummer Awb 11/20006

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eerder gegrond beroep/aanvullend gehoor/wijziging standpunt verweerder/vluchtelingschap De rechtbank stelt voorop dat verweerder in het voornemen van 17 november 2009, welke overwegingen in het besluit van 24 december 2009 zijn overgenomen en als ingelast dienen te worden beschouwd, heeft overwogen dat eiseres wordt gevolgd in haar verklaringen omtrent het lot van haar echtgenoot en de problemen die zij in verband hiermee heeft ondervonden. Verweerder overweegt voorts dat niet tot vluchtelingschap kan worden geconcludeerd nu eiseres zelf nimmer politiek actief is geweest. Bij uitspraak van deze rechtbank, nevenzittingsplaats Almelo, van 7 oktober 2010, is geoordeeld dat de definitie van vluchtelingschap niet vereist dat de vrees van eiseres verband houdt met eigen activiteiten, ook activiteiten van haar echtgenoot kunnen leiden tot vrees voor vervolging bij eiseres. De rechtbank heeft voorts geoordeeld dat er wel degelijk aanwijzingen zijn dat eiseres wordt vervolgd vanwege de activiteiten van haar echtgenoot. Verweerder is tegen deze uitspraak niet in hoger beroep gegaan zodat hetgeen door de rechtbank is overwogen in rechte is komen vast te staan. Niet in geschil is dat het huidige standpunt van verweerder ten aanzien van de geloofwaardigheid van de veronderstelling van eiseres dat zij problemen ondervond vanwege de moord op haar echtgenoot, afwijkt van het eerdere standpunt dat eiseres wordt gevolgd in haar verklaringen omtrent het lot van haar echtgenoot en de problemen die zij in verband hiermee heeft ondervonden. Verweerder is echter van mening dat geen sprake is van tegenstrijdige standpunten die juridisch gezien niet aanvaardbaar zijn. Verweerder merkt hierbij op dat het hem vrij staat de vreemdeling in het kader van een nieuw te nemen besluit aanvullend te horen en naar aanleiding daarvan te concluderen dat een relaas ongeloofwaardig is. Verweerder verwijst in dit verband naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 27 juli 2005, nr. 200501889/1. De rechtbank overweegt dat in voornoemde uitspraak van de Afdeling weliswaar is geoordeeld dat het verweerder vrij staat de vreemdeling aanvullend te horen, maar uitsluitend naar aanleiding van de daarbij aan het licht gekomen tegenstrijdigheden in het besluit kan concluderen dat het relaas alsnog niet geloofwaardig is. Nu verweerder desgevraagd ter zitting heeft verklaard dat in het geval van eiseres geen sprake is van tijdens het aanvullend gehoor aan het licht gekomen nieuwe verklaringen dan wel tegenstrijdigheden heeft verweerder naar het oordeel van de rechtbank niet zonder meer, onder verwijzing naar voornoemde uitspraak van de Afdeling, een andersluidend standpunt kunnen innemen ten aanzien van de geloofwaardigheid van de verklaringen van eiseres (in het bijzonder) omtrent het lot van haar echtgenoot en de problemen die zij in verband hiermee heeft ondervonden. Gelet op hetgeen is overwogen in bovengenoemde uitspraak van deze rechtbank, nevenzittingsplaats Almelo van 7 oktober 2010 diende verweerder, gelet op het bepaalde in artikel 3.37, tweede lid, van het Voorschrift Vreemdelingen 2000, te beoordelen of eiseres heeft te vrezen voor vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag als gevolg van activiteiten van haar echtgenoot. Verweerder heeft geen toepassing gegeven aan de in de uitspraak vermelde opdracht van de rechtbank.

Partijen

  • [eiseres]

    eiseres · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.