Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BV6141

Rechtbank 's-Gravenhage · 14-02-2012 · zaaknummer Awb 11/9612

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

"Anders dan verweerder stelt, is de humanitaire situatie niet alleen van belang in het geval een vestigingsalternatief wordt tegengeworpen, maar kan uitzetting naar een land waar een slechte humanitaire situatie heerst in omstandigheden een schending van artikel 3 EVRM betekenen. In het algemeen zal daar alleen sprake van zijn in zeer bijzondere omstandigheden waar de humanitaire situatie dwingend is (“compelling”) (r.o. 24 in het arrest van het EHRM van 27 mei 2008 in de zaak N. tegen het Verenigd Kroninkrijk; LJN: BD6647). In het geval de humanitaire situatie (mede) is veroorzaakt door de autoriteiten is echter een lichtere toets aan de orde (arrest van het EHRM van 21 januari 2011 in de zaak M.S.S. tegen België en Griekenland; LJN: BP4356). De rechtbank leidt uit het hier meergenoemde arrest van het EHRM in de zaak Sufi en Elmi af dat daarvan sprake is in het geval van uitzetting naar Zuid- of Centraal-Somalië. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank niet afdoende gemotiveerd waarom de door eiser bij de aanvullende gronden van beroep gevoegde informatie over de in Zuid- en Centraal-Somalië heersende hongersnood, niet kan leiden tot het oordeel dat uitzetting naar dat gebied in strijd is met artikel 3 EVRM en derhalve niet kan leiden tot wijziging of intrekking van het bestreden besluit. Nu uit de door eiser overgelegde informatie blijkt van een significante verslechtering van de situatie, kon verweerder daarvoor niet volstaan met een verwijzing naar het ambtsbericht van mei 2011. Nu op grond van artikel 3.106 Vb 2000 het beleid in andere landen van de Europese Unie in ieder geval in de beoordeling moet worden betrokken, voor de beëindiging van het categoriaal beschermingsbeleid voor Zuid- en Centraal-Somalië het beleid in andere landen ook van doorslaggevend gewicht is geweest, de veiligheidssituatie in Zuid- en Centraal-Somalië nog steeds zorgwekkend is, de humanitaire situatie is verslechterd en het beleid van in ieder geval Zweden is gewijzigd, had het op de weg van verweerder gelegen nader onderzoek te doen naar het huidige beleid van andere landen in de Europese Unie en nader te motiveren waarom terugkeer van eiser naar Zuid- en Centraal-Somalië naar het oordeel van verweerder niet van bijzondere hardheid is in verband met de algehele situatie aldaar."

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.