Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BV2679

Rechtbank 's-Gravenhage · 31-01-2012 · zaaknummer 11/18110

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verweerder heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder d van de Vw omdat eiseres door de Italiaanse autoriteiten in het bezit is gesteld van een verblijfsvergunning als vluchteling zodat Italië op grond van het Verdrag van Straatsburg gehouden is eiseres opnieuw toe te laten. Niet in geschil is dat Italië op grond van het Verdrag van Straatsburg gehouden is eiseres toe te laten op het grondgebied en dat eiseres op grond van de terugnameovereenkomst van 28 februari 2011 ook aan Italië zal worden overgedragen. In zoverre is dan ook aan de vereisten voor toepassing van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder d van de Vw 2000 voldaan. Eiseres heeft betoogd dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt en dat zij in Italië wederom zal worden blootgesteld aan een onmenselijke behandeling. Onder verwijzing naar de uitspraken van de Afdeling van 14 juli 2011, die de rechtbank ook van belang acht bij de beoordeling of Italië zijn verdragsverplichtingen nakomt zoals bedoeld in artikel 30, derde lid van de Vw 2000, is de rechtbank van oordeel dat er geen grond bestaat voor het oordeel dat eiseres niet aan Italië mag worden overgedragen. Eiseres heeft verder nog betoogd dat geen sprake is van een zodanige band met Italië dat het redelijk zou zijn haar terug te sturen, zoals vereist op grond van artikel 3.106a, tweede lid van het Vb 2000. Integendeel, vanwege haar traumatische ervaringen wil zij nooit meer terugkeren naar Italië. Naar het oordeel van de rechtbank dient de vraag of een vreemdeling een zodanige band heeft met het betrokken derde land dat het voor hem redelijk zou zijn naar dat land te gaan, naar objectieve maatstaven te worden beoordeeld, waarbij geen overwegend belang kan worden gehecht aan de vraag of een vreemdeling een dergelijke band met dat land voelt en of hij het zelf redelijk vindt om daarheen terug te moeten keren. Mede in aanmerking genomen dat Italië de overnameclaim heeft gehonoreerd, maakt de omstandigheid dat eiseres door de Italiaanse autoriteiten in het bezit is gesteld van een verblijfsvergunning als vluchteling, dat naar het oordeel van de rechtbank sprake is van de in artikel 3.106a, tweede lid van het Vb 2000 bedoelde band. Ook in zoverre faalt het beroep.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.