ECLI:NL:RBSGR:2012:BV2490
Rechtbank 's-Gravenhage · 12-01-2012 · zaaknummer AWB 11/7814
Inhoudsindicatie
MK, Herhaalde asielaanvraag, artikel 4:6, Somalië, verslechterde situatie, interim measure, artikel 3.109, vijfde lid, Vb De rechtbank stelt vast dat de ‘interim measure’ van 7 januari 2011 dateert van na eisers eerdere asielprocedure. De rechtbank stelt vast dat de president van het EHRM in de ‘interim measures’ van 7 januari 2011 het volgende heeft overwogen over de redenen om tot deze beslissing te komen: “In reaching this decision, the President had regard to the information currently available concerning the situation in south and central Somalia and in Mogadishu in particular, as well as to the fact that the Court is currently considering in a number or cases the compatibility of Article 3 of the Convention of forced returns to Mogadishu.”.De rechtbank overweegt dat, gelet op hetgeen hierboven is geciteerd, uit de ‘interim measure’ niet concreet kan worden afgeleid welke informatie hieraan ten grondslag heeft gelegen. Eiser heeft dit evenmin aangegeven. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat eiser met het verwijzen naar de ‘interim measure’ en met hetgeen hij overigens heeft aangevoerd niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een verslechterde situatie in Somalië sinds zijn vorige asielprocedure. De rechtbank ziet dan ook geen grond voor het oordeel dat op voorhand de ‘interim measure’ aan het besluit in eisers eerdere asielprocedure kan afdoen. De rechtbank stelt vast dat eisers gestelde psychische en lichamelijke problemen dateren van na het eerdere besluit van 15 januari 2009. Beoordeeld dient te worden of op voorhand is uitgesloten dat wat alsnog is aangevoerd of overgelegd aan het eerdere besluit kan afdoen. De rechtbank volgt eiser niet in zijn betoog dat hem ten onrechte geen medisch onderzoek is aangeboden in de zin van artikel 3.109, vijfde lid, van het Vb. Er is geen sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden en omdat zich evenmin een relevante wijziging van het recht voordoet en niet is gebleken van bijzondere feiten en omstandigheden als bedoeld in rechtsoverweging 45 van het arrest Bahaddar tegen Nederland, is er voor een rechterlijke toetsing van het besluit van 7 maart 2011 geen plaats. Beroep ongegrond.
Advocaten
- S. Zwiers
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
