ECLI:NL:RBSGR:2011:BV0673
Rechtbank 's-Gravenhage · 14-12-2011 · zaaknummer AWB 11/536 MAW
Inhoudsindicatie
militaire ambtenarenzaak ongeval tijdens verplaatsing lading in een oplegger Eiseres heeft verweerder verzocht op grond van zijn zorgplicht alsmede op grond van een door een als onrechtmatige gedraging aan te merken fout van een onder verantwoordelijkheid van verweerder werkzame persoon aansprakelijkheid te erkennen voor het door haar overkomen ongeval en voor de voortvloeiende immateriële- en materiële schade die zij lijdt of nog zal lijden. Dit verzoek is afgewezen. De rechtbank overweegt dat het besluit van het Abp van 2 maart 2007 door de formulering daarvan voor tweeërlei uitleg vatbaar is, hetgeen tot gevolg heeft gehad dat beide partijen zich in dit besluit kunnen vinden ter zake van de vraag of sprake is van causaal verband. Bij brief van het Abp van 22 juli 2011 is een aanvulling gegeven op het besluit van 2 maart 2007. Deze brief van 22 juli 2011 is eveneens onduidelijk geformuleerd. Nu bovendien ter zitting is gebleken (zoals hierna wordt overwogen onder 7.3) dat de omstandigheden ten tijde van het ongeval bovendien anders zijn geweest dan waar het Abp en verweerder van zijn uitgegaan, rechtvaardigt een en ander het oordeel dat sprake is van een bijzondere situatie, waardoor er plaats is voor een uitzondering op het beginsel van de formele rechtskracht. De rechtbank zal derhalve voorbijgaan aan het besluit van 2 maart 2007. Ter zake van de vraag of sprake is van causaal verband tussen het letsel van eiseres en het ongeval overweegt de rechtbank dat door de aan het type lading, zoals hier aan de orde, inherente instabiliteit bij een verplaatsing een grotere kans bestaat op kantelen. De rechtbank is van oordeel dat een voldoende mate van waarschijnlijkheid bestaat dat de werkzaamheden en/of de werkomstandigheden van eiseres het letsel daadwerkelijk hebben veroorzaakt. Daarmee is het causaal verband tussen het ongeval en de schade komen vast te staan. Bij het werken met een dergelijke lading dienen, gelet op de daaraan verbonden risico’s, voorzorgsmaatregelen te worden getroffen. Naar het oordeel van de rechtbank lag het op de weg van verweerder om instructies te geven of maatregelen te treffen op dit punt. Niet gebleken is dat dergelijke aanwijzingen bestaan. De conclusie dient dan ook te zijn dat verweerder zijn zorgplicht niet is nagekomen. Uit het vorenstaande volgt reeds dat verweerder aansprakelijk is voor de door eiseres geleden schade en dat hij deze schade aan eiseres dient te vergoeden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Defensie
eiseres · overheid
[eiseres]
eiseres · onbekend
de minister van Defensie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Defensie
eiseres
de minister van Defensie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
