Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2011:BU9226

Rechtbank 's-Gravenhage · 07-12-2011 · zaaknummer AWB 11/36654 VRONTN

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Artikel 6 terugkeerrichtlijn van toepassing verlengingsbesluit. De rechtbank volgt verweerder niet in zijn stelling dat artikel 15 van de Terugkeerrichtlijn niet op grensdetentie in de zin van artikel 6 Vw 2000 van toepassing is. De rechtbank stelt voorop dat genoemd artikel 15 grensdetentie niet met zoveel woorden uitsluit. Verder bevat artikel 2 van de Terugkeerrichtlijn, op grond waarvan de lidstaten kunnen besluiten grensdetentie van de werkingssfeer van de Terugkeerrichtlijn uit te sluiten, een aanwijzing dat, indien een dergelijk besluit niet is genomen, de gehele terugkeerrichtlijn mede op grensdetentie van toepassing is. In hetgeen verweerder heeft betoogd is naar het oordeel van de rechtbank voor het tegendeel geen aanknopingspunt te vinden. Dat hoofdstuk 4 van de Terugkeerrichtlijn, waarvan artikel 15 deel uitmaakt, als opschrift “bewaring met het oog op verwijdering” heeft, terwijl het bij de maatregel ex artikel 6 Vw 2000 gaat om het voldoen aan een vertrekplicht, kan als zodanig aanknopingspunt niet gelden, nu dit terminologisch onderscheid aan de nationale regelgeving en niet aan de Terugkeerrichtlijn is ontleend. De rechtbank ziet zich aldus geplaatst voor de vraag of het voortduren van de maatregel in de onderhavige zaak in overeenstemming is met de in artikel 15 zesde lid van de Terugkeerrichtlijn gestelde vereisten. De rechtbank neemt voor de beantwoording van deze vraag uitgangspunt in de uitspraak van de Afdeling van 25 maart 2011 (LJN BP9560). In het voetspoor van genoemde uitspraak is de rechtbank van oordeel dat artikel 6 van de Vw 2000 in die zin richtlijnconform dient te worden geïnterpreteerd dat (voorzover hier van belang) voortduring van de maatregel na zes maanden slechts mogelijk is op een van de in artikel 15 zesde lid van de Terugkeerrichtlijn genoemde gronden. Verder volgt de rechtbank verweerder in zijn standpunt dat, nu specifiek beleid terzake verlenging van de maatregel ex artikel 6 Vw 2000 na zes maanden ontbreekt, de zinsnede “overeenkomstig de nationale wetgeving (te lezen als overeenkomstig het nationale recht”) inhoudt dat verweerders bevoegdheid de maatregel te doen voortduren verder haar begrenzing vindt in het algemeen bestuursrecht, waaronder artikel 3:4 van de Awb. Eisers betoog dat uit de stukken niet blijkt dat verweerder bij het verstrijken van de zes maanden termijn de maatregel op enige wijze heeft verlengd faalt. Artikel 15 zesde lid van de Terugkeerrichtlijn schrijft niet voor dat verweerder terzake de voortduring van de maatregel na zes maanden een formeel (verlengings)besluit dient te nemen, dan wel anderszins vormvoorschriften in acht dient te nemen. Dergelijke voorschriften volgen naar het oordeel van de rechtbank evenmin uit het nationale recht. Wel is verweerder gehouden steeds af te wegen of voortduring van de maatregel nog langer gerechtvaardigd is.

Rechters

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.