Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2011:BU7732

Rechtbank 's-Gravenhage · 03-11-2011 · zaaknummer AWB 11/12217

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

AIVD, visum. Uit de jurisprudentie van de Afdeling volgt dat, indien uit een ambtsbericht van de AIVD op objectieve, onpartijdige en inzichtelijke wijze blijkt welke feiten en omstandigheden aan de conclusie vervat in het ambtsbericht ten grondslag zijn gelegd en deze conclusie niet onbegrijpelijk is zonder nadere toelichting, er geen aanleiding bestaat om de aan dat ambtsbericht ten grondslag liggende stukken in te zien, tenzij de desbetreffende vreemdeling concrete aanknopingspunten voor twijfel aan de juistheid of volledigheid van dat ambtsbericht naar voren heeft gebracht. Indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, kan verweerder derhalve afzien van inzage in de onderliggende stukken. Dit betekent echter niet, anders dan door verweerder is betoogd, dat inzage in de onderliggende stukken van een ambtsbericht er in alle gevallen toe leidt dat het betreffende ambtsbericht aan de besluitvorming ten grondslag gelegd mag worden. In het onderhavige geval is sprake van een ambtsbericht waar in het geheel geen feiten en omstandigheden zijn genoemd die tot de conclusie leiden dat eiser een gevaar vormt voor de nationale veiligheid. Het ambtsbericht bestaat enkel uit de conclusie dat eiser een dergelijk gevaar vormt. Hoe tot deze conclusie is gekomen is niet inzichtelijk. Onder deze omstandigheden is het voor eiser onmogelijk om zich te verweren tegen deze conclusie van de AIVD. Hem is immers niet bekend op grond van welke feiten en omstandigheden wordt geconcludeerd dat hij een gevaar is voor de nationale veiligheid. Verweerder kon het onderhavige ambtsbericht dan ook niet ten grondslag leggen aan het bestreden besluit, ook niet na - bericht van - inzage in de onderliggende stukken. Verweerders stelling ter zitting dat hij gehouden was om het visum te weigeren omdat artikel 32 van de Visumcode een verplichting bevat om het visum te weigeren indien er een gevaar bestaat voor de nationale veiligheid, kan niet worden gevolgd. De in artikel 32 van de Visumcode vervatte verplichting om een visum te weigeren indien de aanvrager een gevaar vormt voor de nationale veiligheid ontslaat verweerder immers niet van de plicht om te motiveren waarom de betreffende vreemdeling geacht moet worden een dergelijk gevaar te vormen. Een ambtsbericht als het onderhavige kan in dit kader niet als een voldoende motivering worden aangemerkt. Daaraan doet niet af dat verweerder, zoals ook ter zitting is betoogd, een grote discretionaire ruimte heeft bij het verlenen van visa.

Advocaten

  • B. Wegelin

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.