ECLI:NL:RBSGR:2011:BU5015
Rechtbank 's-Gravenhage · 08-11-2011 · zaaknummer AWB 10/42425
Inhoudsindicatie
Volgens het EHRM is het in de eerste plaats de taak van de nationale autoriteiten (‘national authorities’) om zorg te dragen voor een juiste toepassing van deze verdragsbepaling en beschouwt het zijn eigen toezichthoudende taak als ultimum remedie. Op de nationale rechter rust de verantwoordelijkheid om aan de hand van de Boultif en Üner-criteria ten volle te toetsen of de bestuurlijke autoriteiten een juiste belangenafweging hebben gemaakt. Dat de toezichthoudende taak primair bij de nationale rechter ligt, ligt eveneens besloten in artikel 35, eerste lid, van het EVRM dat bepaalt dat alvorens door een rechtzoekende een klacht kan worden ingediend bij het EHRM, hij eerst alle nationale rechtsmiddelen moet hebben uitgeput. Toetsing aan de Boultif- en Uner-criteria: Gelet op de specifieke feiten en omstandigheden van het geval is de rechtbank, alles afwegende en in onderling verband bezien, van oordeel dat verweerder in dit geval zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat het algemeen belang van de Staat bij handhaving van de openbare orde en veiligheid dient te prevaleren boven de door artikel 8 van het EVRM beschermde belangen van eiser.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
