ECLI:NL:RBSGR:2011:BT8769
Rechtbank 's-Gravenhage · 20-10-2011 · zaaknummer 09-665071-10
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft via internet muziekbestanden openbaar gemaakt die groepen mensen wegens hun ras, godsdienst of geloofsovertuiging beledigen en/of aanzetten tot haat en geweld. Art. 137e Wetboek van Strafrecht. Overschrijding redelijke termijn. Door de officier van justitie is aangevoerd dat deze overschrijding mede te wijten is aan de opstelling en wensen van de verdediging zelf. De rechtbank volgt de officier van justitie hierin niet. Verdachte heeft zich bij de behandeling van zijn zaak ter terechtzitting van 28 oktober 2010 beroepen op zijn zwijgrecht. De officier van justitie heeft toen verzocht om aanhouding van de zaak teneinde nader onderzoek te kunnen doen. Naar het oordeel van de rechtbank kan de uitoefening door verdachte van zijn zwijgrecht niet aangemerkt worden als een handelwijze die begrepen kan worden onder de door de Hoge Raad genoemde bijzondere omstandigheden. Op grond van het nemo tenetur beginsel heeft een verdachte immers het recht om te zwijgen en zichzelf niet te belasten. De rechtbank gaat uit van een overschrijding van de redelijke termijn met ruim één jaar en compenseert deze overschrijding door 10 uren in mindering te brengen op de op te leggen werkstraf. Taakstraf (werkstraf) voor de tijd van 60 uren.
Advocaten
Officier van justitie
- W. Bos
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
