ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ9510
Rechtbank 's-Gravenhage · 31-05-2011 · zaaknummer Awb 11/16706
Inhoudsindicatie
Vreemdelingenbewaring. Op 28 april 2010 heeft de AbRS geoordeeld dat aan eerdere contacten tussen de Nederlandse en Chinese autoriteiten in die zin betekenis toekomt, dat (thans) niet vaststaat dat de Chinese autoriteiten niet bereid zijn een reisdocument te verstrekken indien de vreemdeling volledige en juiste informatie verstrekt en het onderzoek niet frustreert. Gelet op de voortgezette contacten tussen genoemde autoriteiten in week 16 van 2011 en met name op het voortgezette contact op 4 mei 2011 (gesprek met de Chinese ambassadeur) - welk contact nog niet had plaatsgevonden op het moment van de uitspraak van deze rechtbank en nevenzittingsplaats van 3 mei 2011, Awb 11/12386, LJN: BQ6642) -, is de rechtbank van oordeel dat thans (nog) niet kan worden gezegd dat zicht op uitzetting binnen redelijke termijn ontbreekt. Daarbij komt voorts betekenis toe aan de informatie van verweerder dat in 2010 en 2011 Chinese vreemdelingen met de sterke arm naar China zijn verwijderd, nadat zij de daartoe benodigde medewerking hadden verleend. Eiser werkt niet mee. De vertraging van het onderzoek en de verlenging van de duur van de bewaring komen in zoverre voor zijn rekening en risico. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
- R. ter Haar
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
