ECLI:NL:RBSGR:2011:BP9841
Rechtbank 's-Gravenhage · 23-03-2011 · zaaknummer 11/8249
Inhoudsindicatie
Verweerder is voornemens de vraag naar het voortduren van de vreemdelingenbewaring na zes maanden, waarover tussen de zittingsplaatsen divergentie bestaat, aan de hoger beroepsinstantie voor te leggen. Daartoe zal de bewaring aan het einde van de zesmaanden-termijn worden opgeheven, waarna de vreemdeling terstond opnieuw in bewaring zal worden genomen. Deze gedragslijn wordt toegepast indien het vervolgberoep is toebedeeld aan de zittingsplaatsen die het voortduren van de bewaring na zes maanden, niet rechtmatig achten. De rechtbank acht het vervolgberoep, nu de bewaring is opgeheven, niet ontvankelijk wegens ontbreken van belang en verklaart zich onbevoegd van het verzoek om schadevergoeding kennis te nemen. Eiser zelf heeft gesteld opnieuw in bewaring of detentie genomen te willen worden.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- P. Bosch
- P.H. Hillen
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
