ECLI:NL:RBSGR:2011:BP9839
Rechtbank 's-Gravenhage · 29-03-2011 · zaaknummer 11/8158
Inhoudsindicatie
1 Eiser stelt dat hij in Georgië is geboren. Voorts stelt hij dat hij in 1994 met een paspoort van de Sovjet-Unie naar Nederland is gekomen en dat hij na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie geen Georgisch paspoort heeft gekregen. Eiser is dus door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie staatloos geworden. Eerdere bewaringen en presentaties hebben niet geleid tot de afgifte van een laissez passer door Georgië of de Russische Federatie. Gelet op deze voorgeschiedenis bestaat geen redelijke vooruitzicht op verwijdering, aldus eiser. Het betoog van eiser slaagt niet. Op 10 februari 2011 heeft verweerder een aanvraag om een laissez passer naar de Georgische autoriteiten verzonden. Die aanvraag is thans nog in onderzoek. Daarnaast maakt de zaak van eiser onderdeel uit van een pilot die wordt gehouden in het kader van een tussen de Europese Unie en Georgië gesloten Terug- en Overnameovereenkomst (T&O-overeenkomst) die op 1 maart 2011 in werking is getreden. Naar aanleiding daarvan heeft verweerder op 16 maart 2011 op dossierniveau de zaak van eiser met de consul van Georgië besproken en is op 17 maart 2011 een zogeheten readmission naar de consul verzonden. De consul heeft toegezegd de zaak in Tblisi te bespreken en uiterlijk in week 13 nader te berichten over de zaak. Gelet op het vorenstaande bestaat naar het oordeel van de rechtbank nog steeds een redelijk vooruitzicht op verwijdering. 2 Niet in geschil is dat eiser meewerkt aan het onderzoek ter fine van uitzetting. Evenmin in geschil is dat eiser op een vast adres met zijn partner en hun dochter van ongeveer een half jaar oud samenwoont. Ter zitting heeft eiser gezegd dat hij zich op dat adres beschikbaar zal houden, ook indien hij uitgezet zal worden naar Georgië. Ter zitting heeft de partner van eiser gezegd dat, indien eiser zal worden uitgezet naar Georgië, zij hem zullen volgen. Bezien in het licht van het vorenstaande biedt de stelling van verweerder, dat eiser te weinig heeft gedaan om zelfstandig Nederland te verlaten, onvoldoende grond voor het oordeel dat thans geen andere afdoende, maar minder dwingende maatregelen dan de maatregel van bewaring doeltreffend kunnen worden toegepast.
Rechters
Advocaten
- F. Wassenaar
- P. Bosch
Partijen
Minister voor Immigratie en Asiel
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
