Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2011:BP2343

Rechtbank 's-Gravenhage · 19-01-2011 · zaaknummer AWB 10/44933 VRONTN

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Uit de artikelen van de Tri moet naar het oordeel van de rechtbank worden afgeleid dat aan de maatregel van vreemdelingenbewaring steeds een terugkeerbesluit ten grondslag moet liggen, nu volgens artikel 15, eerste lid, van de Tri immers de enige twee toegestane redenen voor de bewaring de uitvoering van een terugkeerbesluit inhouden. Gesteld noch gebleken is dat zich in het geval van eiser één van de uitzonderingen van het tweede of vijfde lid van artikel 6 van de Tri voordoen. Het voorgaande houdt in dat de maatregel niet zonder terugkeerbesluit aan eiser opgelegd had behoren te worden. Dat eiser voorafgaande aan het opleggen van de maatregel heeft aangegeven dat hij een asielaanvraag wenste in te dienen, leidt niet tot een ander oordeel, waartoe de rechtbank het volgende overweegt. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling is eerst met de indiening van een daarvoor bestemd formulier sprake van een asielaanvraag. Ook uit de artikelen van de Opvangrichtlijn en de Procedurerichtlijn volgt dat eiser - in het licht van voormelde uitspraak van de Afdeling - pas als asielzoeker kan worden aangemerkt indien hij een daartoe strekkend verzoek heeft ingediend. Aldus had verweerder ofwel voorafgaand aan de aan eiser op te leggen maatregel een terugkeerbesluit ten aanzien van eiser moeten nemen, dan wel van de uitzondering van artikel 6, vijfde lid, van de Tri gebruik moeten maken, dan wel eiser op 29 december 2010 een asielaanvraag moeten laten indienen. Nu daarvan geen sprake is moet de maatregel vanaf 29 december 2010 voor onrechtmatig worden gehouden. Gelet hierop is de vraag wat daarvan de gevolgen zijn voor de maatregel van 8 januari 2011. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling maakt de onrechtmatigheid van de staandehouding de daaropvolgende inbewaringstelling, indien aan alle in de wet gestelde vereisten daarvoor is voldaan, eerst onrechtmatig, indien de met de bewaring gediende belangen niet in redelijke verhouding staan tot de ernst van het gebrek en de daardoor geschonden belangen. Nu eiser sinds de indiening van zijn aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd rechtmatig verblijf in Nederland heeft en derhalve niet als illegaal verblijvende onderdaan van een derde land kan worden aangemerkt, volgt uit de in 2.5 vermelde artikelen dat de Tri niet (langer) op eiser van toepassing is. Het ontbreken van een terugkeerbesluit staat derhalve aan de onderhavige maatregel niet in de weg. De stelling van eiser dat aan het besluit ten onrechte ten grondslag is gelegd dat hij ongewenst is verklaard omdat hij in Italië en niet in Nederland ongewenst is verklaard, volgt de rechtbank niet. Uit punt 5 van de beide op 29 december 2010 op ambtseed en ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal van staandehouding, overbrenging en ophouding volgt dat eiser is opgenomen in het (Nationaal) Schengen Informatie Systeem (hierna: SIS) omdat hij door en voor Italië ongewenst (OVR) is verklaard. Gelet op hoofdstuk IV (signaleringen van onderdanen van derde landen met het oog op weigering van toegang en verblijf) van Verordening (EG) nr. 1987/2006, gelezen in verbinding met artikel 5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Schengengrenscode, is een signalering in het SIS ook van belang voor de toegang in de andere lidstaten. Met betrekking tot de vraag of artikel 5 van de Schengengrenscode, gelezen in verbinding met artikel 21, eerste lid, van de Schengenuitvoeringsovereenkomst een rol kan spelen bij het overschrijden van binnengrenzen, verwijst de rechtbank naar een uitspraak van de Afdeling van 22 februari 2008 (zaak nr. 200707416/1, JV 2008/142). Nu de gronden de maatregel van 8 januari 2011 kunnen dragen en overigens aan alle in de wet gestelde vereisten daarvoor is voldaan, dient de vraag te worden beantwoord of de met de bewaring gediende belangen in redelijke verhouding staan tot de ernst van het gebrek en de daardoor geschonden belangen. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank sprake. Verweerder heeft in dat verband doorslaggevend gewicht mogen toekennen aan de omstandigheid dat eiser als ongewenst vreemdeling staat gesignaleerd in het SIS. Ook overigens blijkt uit het procesdossier dat eiser zich al sinds juni 2010 in Nederland bevindt zonder zich te hebben gemeld bij de korpschef, en, gelet op zijn staandehouding in de trein van België naar Nederland, zonder de benodigde documenten door de Schengen lidstaten reist. Ook de omstandigheid dat hij zich daarbij bediende van vermoedelijk valse documenten heeft verweerder bij deze belangenafweging mogen betrekken.

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.