Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9503

Rechtbank 's-Gravenhage · 30-12-2010 · zaaknummer AWB 10/42764

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Richtlijn 2008/115/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 (hierna: de Terugkeerrichtlijn). Artikel 59, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Artikel 8, onder f, g en h Vw. Artikel 15, eerste, tweede en vierde lid, van de Terugkeerrichtlijn. Het standpunt van verweerder dat een terugkeerbesluit als bedoeld in artikel 6 van de Terugkeerrichtlijn niet nodig is en de Terugkeerrichtlijn niet van belang is voor een maatregel die is opgelegd vóór 25 december 2010 en die nog geen zes maanden heeft geduurd, is niet juist. Aan de Terugkeerrichtlijn komt ook in een geval als dit directe werking toe vanaf 25 december 2010. Daarom zal de rechtbank de rechtmatigheid van de maatregel direct toetsen aan de Terugkeerrichtlijn, waarbij voor zover nodig de nationale wetgeving richtlijnconform wordt uitgelegd of buiten toepassing wordt gelaten. Arrest van het (voormalige) Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (hierna: het Hof) van 30 november 2009, C-357/09, LJN: BK5471, rechtsoverweging 70. De rechtbank toetst of is voldaan aan de in artikel 15, eerste lid van de Terugkeerrichtlijn vervatte criteria voor het opleggen van de maatregel. Daaraan moet immers gelet op onder meer artikel 15, vierde lid, van de Terugkeerrichtijn ook bij het voortduren van de maatregel worden voldaan. Het belang van de openbare orde en de nationale veiligheid als zodanig mogen niet langer aan de maatregel van bewaring ten grondslag kan worden gelegd. Slechts voor zover de bewaringsgronden zijn te scharen onder artikel 15, eerste lid, van de Terugkeerrichtlijn, is dit deel van het nationale recht met de Terugkeerrichtlijn in overeenstemming. Aan de maatregel zijn in dit geval drie gronden ten grondslag gelegd: (a) het ontbreken van een identiteitspapier als bedoeld in artikel 4.21 van het Vreemdelingenbesluit 2000, (b) de omstandigheid dat eiser ongewenst is verklaard en (c) de omstandigheid dat eiser zich niet heeft gehouden aan zijn vertrektermijn. Verweerder heeft niet verklaard of en waarom deze gronden ook in het kader van artikel 15, eerste lid, van de Terugkeerrichtlijn nog zouden kunnen worden gehanteerd. De gronden genoemd onder (a) en (c) zijn naar het oordeel van de rechtbank ook zonder nadere toelichting te scharen onder het criterium van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder b, het ontwijken of belemmeren van de voorbereiding van de terugkeer of de verwijdering. De grond onder (b) is dat niet. Die grond is kennelijk gestoeld op het deel van artikel 59 waarin openbare orde en nationale veiligheid als zodanig worden genoemd als redenen voor de maatregel, wat met ingang van 25 december 2010 niet meer mogelijk is. Naar het oordeel van de rechtbank kunnen de twee overblijvende gronden de maatregel echter nog dragen, zodat niet op deze grond moet worden geoordeeld dat de maatregel onrechtmatig is geworden. In artikel 6 van de Terugkeerrichtlijn is neergelegd dat aan een vreemdeling een terugkeerbesluit wordt uitgevaardigd bij wijze van, kort gezegd, startpunt van de (door de lidstaat geïnitieerde) beëindiging van illegaal verblijf. In artikel 8, onder het kopje verwijdering, is bepaald dat de lidstaten de nodige maatregelen nemen om het terugkeerbesluit uit te voeren. Onder dergelijke maatregelen vallen de dwangmiddelen, geregeld in artikel 8, vierde lid, van de Terugkeerrichtlijn, zoals bewaring. Uit artikel 8 volgt eenduidig dat voorbereiding van terugkeer en verwijdering in het kader van de Terugkeerrichtlijn de uitvoering van een terugkeerbesluit is. In artikel 15 is, zoals hiervoor overwogen, dwingend bepaald dat de maatregel van bewaring alleen kan worden opgelegd om de terugkeer van de desbetreffende vreemdeling voor te bereiden of om de verwijderingsprocedure uit te voeren. Dit systeem komt er naar het oordeel van de rechtbank op neer dat aan de bewaring steeds een terugkeerbesluit ten grondslag moet liggen, nu immers de enige twee toegestane doelen van de bewaring de uitvoering van een terugkeerbesluit inhouden. Niet gebleken is dat jegens eiser een terugkeerbesluit is genomen. Verweerder heeft niet het standpunt ingenomen dat zich een van de uitzonderingen waarin geen terugkeerbesluit nodig is, voordoet. Nu er geen terugkeerbesluit is, is de bewaring onrechtmatig met ingang van 25 december 2010. Beroep gegrond. Maatregel van bewaring opgeheven en schade toegekend met ingang van 25 december 2010.

Rechters

Advocaten

Partijen

  • Minister voor Immigratie en Asiel

    verweerder · onbekend

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.