ECLI:NL:RBSGR:2008:BD7253
Rechtbank 's-Gravenhage · 17-06-2008 · zaaknummer AWB 07/19691
Inhoudsindicatie
Ongewenstverklaring / schending van artikel 8 EVRM / gezinsleven Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is in 2000 getrouwd met een Nederlandse vrouw. Zij hebben samen een dochter, geboren in 2000. Eiser verblijft sinds begin 2001 rechtmatig in Nederland. Eiser is meerdere malen veroordeeld voor strafbare feiten. Laatstelijk is eiser bij vonnis van 13 april 2005 veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. Verweerder heeft terecht overwogen dat drugsdelicten in het algemeen een ernstige bedreiging vormen voor de volksgezondheid en de openbare orde en dat de aard en frequentie ervan duiden op een gevaar voor recidive. Daar staat tegenover dat eiser zich tijdens zijn detentie correct en coöperatief heeft gedragen. Sinds november 2005 verblijft eiser in een open regime, in welke periode hij heeft gewerkt en zich niet opnieuw schuldig heeft gemaakt aan strafbare feiten. De echtgenote van eiser heeft ter zitting onweersproken verklaard dat zij en eiser een, naar omstandigheden, goed functionerend gezin hadden. Eiser onderhoudt met zijn echtgenote en zijn dochter een hechte affectieve relatie en hij is, voor zover omstandigheden dat toelieten, zijn opvoedkundige taken jegens zijn dochter blijven uitoefenen. Sinds eisers uitzetting heeft de dochter slaapproblemen en stagneren haar schoolprestaties ernstig. De echtgenote en de dochter van eiser spreken geen Frans of Arabisch. Bovendien heeft de echtgenote enige tijd in Marokko verbleven, welke periode zij als zeer onaangenaam heeft ervaren. Niet alleen was zij sociaal geïsoleerd, ook viel het haar zwaar om zich als jonge, blonde, westerse vrouw in Marokko staande te houden. De rechtbank is van oordeel dat er in dit geval sprake is van onoverkomelijke dan wel significante belemmeringen om het gezinsleven in eisers land van herkomst uit te oefenen. Afweging van al deze belangen leidt tot de conclusie dat het besluit tot ongewenstverklaring is genomen in strijd met artikel 8 van het EVRM.
Rechters
Advocaten
- B.J.P.M. Ficq
- I. PROCESVERLOOP
- M.M. Favier
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
