Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2008:BC9442

Rechtbank 's-Gravenhage · 01-04-2008 · zaaknummer AWB 07/31945

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Regulier / voortgezet verblijf / artikel 8 EVRM / gerechtvaardigde inmenging Eiser heeft op 2 oktober 2001 een asielaanvraag ingediend. Eiser is in het bezit gesteld van een amv-vergunning, laatstelijk verlengd tot 2 april 2004. Eiser heeft aanvraag om wijziging en verlenging van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking "toegelaten als alleenstaande minderjarige vreemdeling" in de beperking "voortgezet verblijf" ingediend. Tussen partijen is uitsluitend nog in geschil de vraag of het bepaalde in artikel 8 van het EVRM tot vergunningverlening noopt. Niet in geschil is dat er sprake is van family life tussen eiser en zijn vriendin. De rechtbank stelt vast dat eiser erkent dat door de afwijzing van eisers aanvraag om verlenging en wijziging van de beperking er sprake is van inmenging in de uitoefening van dit recht op family life. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank de juiste toets aangelegd door uit te gaan van inmenging en in het kader van de belangenafweging uit te gaan van de amv-vergunning die geldig was tot 2 oktober 2004. In zoverre kan de rechtbank een zekere parallel onderkennen met het arrest van het EHRM in de zaak Useinov, die ook zag op een asielaanvraag, in dier voege dat ook eiser vanaf het moment dat hij in het bezit werd gesteld van een amv-vergunning wist dat deze vergunning tijdelijk was. In dat verband overweegt de rechtbank dat eisers verwijt aan verweerder dat verweerder heeft getoetst of er objectieve belemmeringen zijn om het gezinsleven buiten Nederland uit te oefenen nu dat slechts ziet op eerste toelating niet wordt gevolgd nu dit element onderdeel uitmaakt van de belangenafweging. In dat verband maakt het EHRM geen wezenlijk verschil tussen negatieve en positieve verplichting. Er is geen sprake van excessive formalism. Beroep ongegrond,

Advocaten

  • W. Boelens

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.