Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0746

Rechtbank 's-Gravenhage · 02-08-2007 · zaaknummer Awb 07/28380 en Awb 07/28379

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Geloofwaardigheid asielrelaas / ontbreken documenten mag niet in het kader van positieve overtuigingskracht voor de tweede maal worden tegengeworpen Verweerder heeft de aanvraag met toepassing van artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw 2000 afgewezen. Gelet op de omstandigheden met betrekking tot verzoeksters terugkeer naar Irak en het feit dat verweerder de identiteit en nationaliteit van verzoekster niet in twijfel trekt, kon verweerder verzoekster in redelijkheid het ontbreken van reisdocumenten niet tegenwerpen. Voorts kon verweerder in redelijkheid het niet overleggen van de overlijdensakte betreffende de vader van verzoekster niet ten grondslag leggen aan zowel het oordeel dat het ontbreken van documenten verzoekster kan worden tegengeworpen als het oordeel dat het asielrelaas positieve overtuigingskracht mist. Verweerder heeft op deze wijze twee verschillende fasen in de beoordeling gebaseerd op hetzelfde argument, hetgeen niet overeenstemt met de uitspraak van de ABRS van 24 maart 2005 (JV 2005/191). Ten aanzien van door verweerder gestelde bevreemdingwekkende uitspraken van verzoekster overweegt de voorzieningenrechter dat verweerder in eerste instantie een gehoor inzake nieuwe feiten en omstandigheden heeft afgenomen. Verweerder verkeerde op dat moment in de veronderstelling dat sprake was van een herhaalde aanvraag. In het nader gehoor inzake een opvolgende aanvraag zijn “nieuwe feiten of omstandigheden” behandeld, maar verzoekster is tevens de gelegenheid geboden om haar asielrelaas naar voren te brengen. Gezien de verschillende benadering in beide gehoren en voorts gezien de context waarin verzoekster de verklaringen heeft gegeven, heeft verweerder in redelijkheid niet aan verzoekster kunnen tegenwerpen dat haar verklaringen in beide gehoren bevreemding wekken. Dit klemt te meer, nu verzoekster met die vermeende tegenstrijdigheid niet is geconfronteerd. Voorts is de voorzieningenrechter van oordeel dat verweerders standpunt dat verzoekster geen documenten van het ziekenhuis heeft overgelegd, onvoldoende is om daarop het geloofwaardigheidsoordeel van verweerder te baseren.

Advocaten

  • Y.J. Hullegie

Partijen

  • [verzoekster]

    verzoekster · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.