ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0716
Rechtbank 's-Gravenhage · 08-11-2007 · zaaknummer AWB 07/40934
Inhoudsindicatie
Vreemdelingenbewaring / asielprocedure / voortvarendheid / uitzettingshandelingen Eiseres zal in verband met de grote drukte en personele onderbezetting op het AC te Schiphol eerst ruim een maand na haar inbewaringstelling en het moment waarop zij heeft aangegeven asiel te willen aanvragen, kunnen worden gehoord op haar asielaanvraag en aldus eerst dan rechtmatig verblijf hier te lande kunnen verkrijgen. Totdat de problemen op Schiphol zijn opgelost, heeft verweerder als beleid ervoor gekozen om vreemdelingen als eiseres in vreemdelingenbewaring te houden. Wel is het zo dat verweerder de termijn als bedoeld in artikel 59, vierde lid, van de Vw 2000 rekent vanaf de datum dat eiseres te kennen heeft gegeven asiel te willen aanvragen. De rechtbank stelt vast dat eiseres onder de categorie genoemd in artikel 59, eerste lid, onder a, van de Vw 2000 in bewaring is gesteld, terwijl zij voorafgaand aan de inbewaringstelling te kennen heeft gegeven asiel te willen aanvragen. De rechtbank constateert dat verweerder aldus artikel 59, eerste lid, onder a, van de Vw 2000 toepast in een situatie die wordt beschreven in artikel 59, eerste lid, onder b, van de Vw 2000. Verweerder handelt hiermee in strijd met het wettelijk systeem omtrent de bewaring. Eiseres heeft er baat bij om op haar asielaanvraag binnen zo kort mogelijke termijn te worden gehoord. De mogelijkheid kan immers niet worden uitgesloten dat verweerder na het horen van de asielmotieven overgaat tot asielverlening dan wel besluit om eiseres hangende de asielaanvraag over te plaatsen naar een Onderzoeks- en Opvangcentrum (OC). Uit hoofdstuk A6/5.3.3.5 van de Vreemdelingencirculaire 2000 volgt ook dat het toepassen van bewaring bij vreemdelingen die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel in willen dienen of ingediend hebben, zo beperkt mogelijk dient te geschieden. Maar ook indien het asielrelaas geen kans van slagen heeft, is eiseres, gelet op het feit dat zij in vreemdelingenbewaring zit, gebaat bij een spoedige behandeling van haar asielaanvraag. In dat geval kan verweerder immers een negatieve beschikking slaan en bestaat er voor eiseres duidelijkheid omtrent haar positie. Uit de Nota naar aanleiding van het verslag (Kamerstukken II 1999-2000, 26 732, nr. 7, p. 201) volgt ook dat de termijnen van artikel 59, vierde lid, van de Vw 2000 ertoe dienen om de onzekerheid voor de vreemdeling over de uitkomst van de procedure zo kort mogelijk te laten zijn. Ook kan verweerder bij een negatieve beschikking in beginsel overgaan tot uitzettingshandelingen. Uitzettingshandelingen die verweerder thans in ieder geval tot 30 november 2007 niet kan verrichten omdat eiseres eerst dan haar asielaanvraag kan toelichten. De bewaring is in strijd met artikel 59 van de Vw 2000 en wordt opgeheven onder toekenning van schadevergoeding.
Rechters
Advocaten
- I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET
- J.C.E. Hoftijzer
- M.R. van Lelyveld
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
[eiseres]
eiseres · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
