Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BB9696

Rechtbank 's-Gravenhage · 15-11-2007 · zaaknummer AWB 07/31755

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Ongewenstverklaring / voorlopige voorziening / procesbelang / Salah Sheekh De Afdeling heeft bij uitspraak van 13 december 2004 bepaald dat een beroep op de artikelen 3 en 8 van het EVRM in een procedure tegen een besluit tot ongewenstverklaring naar voren kan worden gebracht. Daaruit volgt dat een daarmee samenhangend verzoek, vanwege een dreigende schending van de voornoemde artikelen en inhoudende te bepalen dat verweerder wordt verboden verzoeker uit Nederland te verwijderen, totdat op het bezwaar zal zijn beslist, eveneens aan de orde kan worden gesteld. Verzoeker heeft daarom procesbelang bij de beoordeling van het verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker is als arts werkzaam geweest in, Bagdad, Irak. Hem is in een eerdere procedure tegengeworpen dat artikel 1(F) op hem van toepassing is omdat hij in zijn hoedanigheid van arts misdrijven tegen de menselijkheid heeft begaan. Bij uitspraak van 21 januari 2005 heeft deze rechtbank geoordeeld dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat er ernstige redenen bestaan om te veronderstellen dat eiser betrokken is geweest bij misdrijven als bedoeld in die bepaling. Verweerder heeft derhalve onder verwijzing naar artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag op goede gronden kunnen besluiten dat het Verdrag niet op verzoeker van toepassing is en dat hij dientengevolge niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000. Het door verzoeker tegen deze uitspraak ingestelde hoger beroep is door de Afdeling op 5 juli 2005 ongegrond verklaard. Met deze uitspraak is de uitspraak van deze rechtbank van 21 januari 2005 in rechte vast komen te staan. Daarmee was de minister gehouden opnieuw te beslissen op de asielaanvraag met inachtneming van de rechtsoordelen welke aan de in die uitspraak neergelegde vernietiging van het eerdere besluit ten grondslag zijn gelegd, aan welke gehoudenheid in het vervolg van de procedure niet meer kan worden afgedaan. Ten aanzien van verzoekers beroep op artikel 3 EVRM en de uitspraak Salah Sheekh is de voorzieningenrechter van oordeel dat in het geval van verzoeker dat, hoewel de situatie thans van personen die werkzaam zijn (geweest) in de gezondheidszorg speciale aandacht vraagt, hieruit niet volgt dat sprake is van een minderheidsgroep die dermate kwetsbaar is dat de leden reeds op grond van het behoren tot die groep geen bescherming kunnen krijgen tegen ernstige mensenrechtenschendingen waarvan zij het doelwit zijn. In het algemeen kan worden gesteld dat het geweld in Irak diffuus, multi-dimensionaal en soms ronduit willekeurig is. Gelet hierop kan niet de conclusie worden getrokken dat het geweld en de ontvoeringen zich expliciet richt tegen intellectuelen en academici in het algemeen en artsen in het bijzonder. Uit het ambtsbericht blijkt dat er sprake is van (willekeurig) geweld tegen diverse soorten groeperingen in Irak. Evenmin is ten aanzien van verzoeker vastgesteld dat hij, in het verleden gedurende de periode die verzoeker heeft gewerkt als arts, onderworpen is geweest aan een behandeling in strijd met genoemd artikel. Met betrekking tot het beroep op artikel 8 van het EVRM dient het er voor te worden gehouden dat verzoeker juridisch gezien nog steeds gehuwd is met zijn in Irak verblijvende echtgenote. Nu verzoekers echtgenote geen (rechtmatig) verblijf in Nederland heeft, faalt reeds hierom het beroep op artikel 8 van het EVRM. De stelling dat verzoekers gezinsleven, ondanks zijn huwelijk, dient te worden beoordeeld in relatie tot zijn huidige partner is op geen enkele wijze nader onderbouwd.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [verzoeker]

    verzoeker · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.