Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BB8127

Rechtbank 's-Gravenhage · 15-10-2007 · zaaknummer AWB 06/41861

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Artikel 3 EVRM / Bangladesh / Bihari / Salah Sheekh / motivering Eiser, afkomstig uit Bangladesh, vreest bij terugkeer naar zijn land voor een met artikel 3 van het EVRM strijdige behandeling van de zijde van de Bengaalse politie en/of gevangenbewaarders. Verweerder heeft overwogen dat eiser niet heeft voldaan aan het individualiseringsvereiste en derhalve zijn vrees onvoldoende heeft onderbouwd. Niet in geschil is dat eiser in zijn land van herkomst wordt verdacht van illegaal wapenbezit en zich, eenmaal op borgtocht vrijgelaten, niet heeft gehouden aan zijn meldplicht. Eveneens is niet in geschil dat eiser behoort tot een etnische minderheid: de Bihari. Uit het door eiser overgelegde rapport van Amnesty International uit 2000 komt naar voren dat in Bangladesh op grote schaal martelingen en mensenrechtenschendingen door de politie plaatsvinden, zonder dat hiertegen daadwerkelijk door de overheid wordt opgetreden. Voorts heeft eiser een rapport van Amnesty International overgelegd over de periode van januari 2003 tot en met december 2004, waaruit geen verbetering blijkt. Wel blijkt dat minderheden een bijzonder kwetsbare positie innemen. In het in beroep overgelegde World Report 2007 van Human Rights Watch over Bangladesh, wordt melding gemaakt van het feit dat in 2006 veel verdachten buitengerechtelijk zijn geëxecuteerd en dat overlijden in gevangenschap door gebruik van geweld door bewakers, veelal in afwachting van een proces, regelmatig voorkomt. Uit met name de uitspraak van het EHRM in de uitspraak inzake Salah Sheekh, rechtsoverweging 268 blijkt dat de omvang van het risico om te worden onderworpen aan folteringen, aan onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen van doorslaggevend belang is bij de boordeling van de vraag of sprake is van een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM. De omvang van dit risico wordt niet enkel gemeten aan de hand van de mate waarin er sprake is van specifiek op de persoon gerichte acties (singled out). De algemene situatie waarin sprake is van willekeurig geweld moet eveneens worden betrokken bij de boordeling van het risico. Daarnaast heeft het EHRM in deze zaak benadrukt dat de beoordeling door de staat of er een risico op schending van artikel 3 EVRM bestaat deugdelijk en voldoende moet zijn onderbouwd aan de hand van informatie uit nationale bronnen of uit andere betrouwbare en objectieve bronnen. De rechtbank is van oordeel dat verweerder op ondeugdelijke wijze heeft gemotiveerd waarom eiser onder deze omstandigheden niet in aanmerking komt voor een vergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, van de Vw 2000. Verweerder heeft zijn betwisting van de in deze rapporten geschetste situatie op geen enkele wijze onderbouwd, bijvoorbeeld door te verwijzen naar een algemeen ambtsbericht. Van een deugdelijke en voldoende onderbouwing van het oordeel van de staat omtrent het risico van een schending van artikel 3 van het EVRM aan de hand van informatie uit nationale bronnen alswel uit andere betrouwbare en objectieve bronnen is dan ook geen sprake. Indien wordt uitgegaan van de in deze rapporten geschetste grote schaal waarop door de politie in Bangladesh verdachten worden gemarteld, waarbij minderheden extra kwetsbaar zijn, oordeelt de rechtbank dat eiser, nu niet is betwist dat hij inmiddels wordt verdacht van twee misdrijven, alsmede dat hij behoort tot de Bihari-minderheidsgroep, een reëel risico loopt bij terugkeer te worden blootgesteld aan een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM. In dat geval zal hij dan ook geen ‘further distinguishing features’ hoeven aantonen.

Advocaten

Partijen

  • Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie

    verweerder · onbekend

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.