Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BB4617

Rechtbank 's-Gravenhage · 19-09-2007 · zaaknummer AWB 07/35020

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Vreemdelingenbewaring / eiser niet aangevoerd ter zitting / horen gemachtigde / aanvang horen eiser Eiser is, na daartoe wel door te rechtbank te zijn opgeroepen, niet ter zitting verschenen omdat hij niet naar de rechtbank is vervoerd; als gevolg van miscommunicatie met DV&O is eiser niet aangevoerd, aldus verweerders gemachtigde ter zitting. De termijn van artikel 94, tweede lid, van de Vw 2000 eindigt op maandag 24 september 2007; daarom heeft de rechtbank het onderzoek ter zitting enkele minuten geschorst en onderzocht of voortzetting van de behandeling van de zaak - met aanwezigheid van eiser - voor einde termijn kan worden gerealiseerd. Dit bleek logistiek niet mogelijk te zijn. Verweerder heeft erop gewezen dat het gelet op een uitspraak van de Afdeling uit 2002 mogelijk is om het horen van de gemachtigde aan te merken als aanvang van het horen van de vreemdeling zelf, en dat dan voortzetting van de zaak plaats kan vinden buiten de termijn van artikel 94, tweede lid, van de Vw 2000. De gemachtigde van eiser heeft zich in reactie hierop uitdrukkelijk verzet tegen behandeling van de zaak zonder aanwezigheid van eiser zelf in persoon. De rechtbank volgt verweerder niet in zijn betoog en voorstel. Onder verwijzing naar de jurisprudentie van de Afdeling (uitspraken van 26 augustus 2003, JV 2003, 457, 13 juli 2001, 200102633/1 en 10 januari 2002, JV 2002, 75) overweegt de rechtbank dat het aanmerken van het horen van de gemachtigde als aanvang van het horen van de vreemdeling mogelijk is in de situatie waarin de vreemdeling wel naar een tijdig gehouden zitting van de rechtbank is aangevoerd, maar er geen tolk beschikbaar is, en de advocaat in die situatie geen bezwaar maakt tegen het houden van een pleidooi namens de vreemdeling. Onderhavige casus is hiermee niet op een lijn te stellen, gelet op de afwezigheid van eiser en het verzet van de advocaat. Schending van artikel 94, tweede lid, Vw 2000, beroep gegrond, opheffing bewaring.

Advocaten

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.