ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0747
Rechtbank 's-Gravenhage · 18-06-2007 · zaaknummer Awb 06/5037
Inhoudsindicatie
Motivering eerder genomen besluit / ambtsbericht Eritrea Na eerdere vernietiging van het besluit van verweerder door de ABRS bij uitspraak van 2 maart 2005 (JV 2005, 160), wijst verweerder opnieuw de aanvraag van een Eritrese asielzoekster af. De rechtbank oordeelt dat de motivering van het bestreden besluit in het licht van de uitspraak van de ABRS niet toereikend is. Uit die uitspraak leidt de rechtbank af dat het aan verweerder was om bij het nemen van een nieuw besluit te motiveren waarom de situatie van eiseres anders zou zijn dan die van de in het ambtsbericht van mei 2004 vermelde groep Eritreeërs, waarbij een rol speelt dat eiseres, evenals de in het ambtsbericht van mei 2004 genoemde Eritreeërs, elders asiel heeft gevraagd. De ABRS heeft die lijn voortgezet en bovendien nader gepreciseerd: ABRS van 26 mei 2005, 200501106/1 (JV 2005, 267), ABRS van 26 mei 2005, 200501094/1, ABRS van 27 oktober 2005, 200504891/1, ABRS van 4 november 2005, 200505429/1 (ambtsbericht Eritrea van februari 2005) en ABRS van 9 februari 2006 (JV 2006, 126). De rechtbank stelt vast dat met de in het bestreden besluit neergelegde motivering verweerder nog immer niet duidelijk heeft gemaakt waarom de vanuit Malta en Libië verwijderde Eritreeërs bij terugkeer in Eritrea zijn gearresteerd en gedetineerd. Voor verweerders stelling dat uit het rapport van het UK Home Office en het rapport van de UNHCR kan worden afgeleid dat ten aanzien van (alle) leden van de groep gedetineerden de verdenking van dienstweigering en dienstontduiking bestond, heeft de rechtbank geen aanknopingspunten gevonden. Niet is vast komen te staan dat de groep gedetineerden slechts bestond uit vluchtelingen in de zin van het Vluchtelingenverdrag. Verweerder heeft nog steeds niet draagkrachtig gemotiveerd dat eiseres bij terugkeer in Eritrea niet gearresteerd en gedetineerd zal worden, mogelijk omdat zij er van verdacht zal worden in het buitenland asiel te hebben gevraagd. Het beroep van verweerder op het ambtsbericht van 29 maart 2006 maakt het voorgaande niet anders, nu in dat ambtsbericht nagenoeg hetzelfde staat als in het ambtsbericht van februari 2005. Voor zover dat ambtsbericht anders luidt dan het ambtsbericht uit 2005, betreft dat beknopte toevoegingen die evenwel geen opheldering geven over de redenen voor de arrestaties en detenties. Besluit in strijd met art. 3:2 Awb en met art. 3:46 Awb.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
