Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9149

Rechtbank 's-Gravenhage · 10-07-2007 · zaaknummer KG 07-568

Civiel rechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser vordert gedaagde, de Staat der Nederlanden, te verbieden eiser uit te leveren aan de VS, althans zolang daarover niet bij onherroepelijke uitspraak in hoogste instantie in kort geding is beslist. Eiser is op 1 juni 2006 aangehouden op verdenking van een voorgenomen levering van xtc-pillen aan de Verenigde Staten (VS). De VS hebben de uitlevering van eiser verzocht met het oog op zijn vervolging betreffende een aanklacht ter zake van het medeplegen van invoer en verspreiden van xtc-pillen in de VS. Bij uitspraak van 26 september 2006 heeft de rechtbank Amsterdam de uitlevering van eiser toelaatbaar verklaard en heeft de rechtbank de Minister geadviseerd de gevraagde uitlevering van eiser toe te staan. Van belang is dat aan de rechter slechts een marginale beoordeling toekomt van de wijze waarop de Minister gebruik maakt van de facultatieve bevoegdheid uitlevering te weigeren op de grond dat een goede rechtsbedeling zich tegen uitlevering verzet. Voor ingrijpen van de kortgedingrechter is slechts plaats indien de beslissing tot uitlevering uit hoofde van een goede rechtsbedeling evident onredelijk of onbegrijpelijk is. Dat is in casu niet het geval. De Minister heeft in de vermelde beschikking aangegeven dat de strafbare feiten waarvoor de uitlevering is gevraagd zich in de eerste plaats richten tegen de Amerikaanse rechtsorde, hetgeen strafvervolging in de VS rechtvaardigt. De Minister heeft uitlevering slechts toegestaan onder de voorwaarde dat in de Amerikaanse strafzaak geen gebruik wordt gemaakt van het door de Minister als onrechtmatig verkregen bestempeld bewijs en dat de Amerikaanse autoriteiten daarmee hebben ingestemd. Daarbij komt dat gedaagde ter zitting heeft gewezen op de mogelijkheid dat eiser zelf op dit punt de vinger aan de pols kan houden en de Amerikaanse rechter kan wijzen op de door de zaaksofficier gedane toezegging. Bovendien heeft gedaagde toegezegd dat zijn liaison officer in Washington opgedragen zal worden het proces van eiser bij te wonen en op de naleving van de voorwaarde toe te zien. De voorzieningenrechter komt tot de conclusie dat de Minister in redelijkheid heeft kunnen besluiten om de uitlevering van eiser aan de VS toe te staan. De vordering wordt afgewezen en eiser wordt als de in het ongelijk gestelde partij, veroordeeld in de kosten van dit geding.

Rechters

Advocaten

  • A. Moszkowicz
  • A.Th
  • E. Grabandt
  • M. ten Broeke

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.