ECLI:NL:RBSGR:2007:BA8002
Rechtbank 's-Gravenhage · 20-04-2007 · zaaknummer AWB 06/35323
Inhoudsindicatie
Doorzendplicht / zorgvuldigheids- en fair play-beginsel Naar het oordeel van de rechtbank kan de aanvraag van eiser, gelet op zijn situatie, niet anders worden opgevat dan een aanvraag voor een verblijfsvergunning onder de beperking tot het wijzigen en verlengen van de geldigheidsduur van zijn oorspronkelijke verblijfsvergunning. Verweerder had naar het oordeel van de rechtbank die aanvraag – in plaats van die te retourneren aan eiser – (onverwijld) dienen door te sturen naar de wel bevoegde instantie, op grond van artikel 2:3, eerste lid, van de Awb, welk artikel een dergelijke doorzendplicht regelt tussen verschillende bestuursorganen. Gelet op de door verweerder gecreëerde onduidelijkheid in zijn brieven, de trage besluitvorming, alsmede door het achterwege laten van deugdelijke informatie, heeft verweerder naar het oordeel van de rechtbank gehandeld in strijd met de beginselen van zorgvuldigheid en van fair play. Het beroep is gegrond. Verweerder zal een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak. In het voorgaande ziet de rechtbank aanleiding om op grond van artikel 8:72, vijfde lid, van de Awb een voorlopige voorziening te treffen in die zin dat verweerder wordt verboden eiser uit Nederland te (doen) verwijderen tot vier weken nadat op het bezwaar is beslist.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
