ECLI:NL:RBSGR:2007:BA7414
Rechtbank 's-Gravenhage · 15-05-2007 · zaaknummer AWB 06/47142 en AWB 06/47143
Inhoudsindicatie
Mvv aanvraag / verblijf van ouder bij minderjarig kind / artikel 8 EVRM / belangenafweging Verweerder heeft eiseres terecht op grond van artikel 3.24 van het Vb 2000 een mvv kunnen onthouden. Daarmee is de vraag aan de orde of eiseres aanspraak op toelating kan maken op grond van artikel 8 van het EVRM. In dit geval is geen sprake van inmenging in het familie- of gezinsleven tussen eiseres en referente, haar minderjarige dochter, als bedoeld in artikel 8 van het EVRM. Een eventuele (positieve) verplichting voor verweerder om aan eiseres verblijf toe te staan, moet worden vastgesteld aan de hand van een belangenafweging. De rechtbank kent hierbij betekenis toe aan het feit dat eiseres hier te lande een gezin heeft gesticht zonder dat zij in het bezit was van een verblijfstitel. Eiseres heeft echter wel diverse pogingen ondernomen om een verblijfsvergunning te verkrijgen, waarbij haar bovendien het mvv-vereiste is tegengeworpen zonder dat daarbij ruimte werd gezien voor toetsing aan artikel 8 van het EVRM, gezien de jurisprudentie van de AbRS. Het gaat in dit geval echter niet slechts om de vraag of van eiseres verlangd kan worden haar gezinsleven in Ghana voort te zetten, maar ook om de vraag of dit van referente, die bij weigering van de mvv zal afreizen naar haar moeder in Ghana, verlangd kan worden. De rechtbank verwijst hierbij naar het arrest van EHRM inzake Rodrigues da Silva en Hoogkamer (31 januari 2006, 50435/99). Afreizen van referente naar Ghana vormt wel een inmenging in het recht op eerbiediging van het familieleven tussen referente en haar vader. Referente heeft, doordat zij in Nederland is geboren en getogen en hier inmiddels ruim tien jaar woont en naar school gaat, een sterke band met Nederland opgebouwd. Met Ghana heeft referente geen enkele band, anders dan dat haar moeder daar vandaan komt. Zij spreekt slechts gebrekkig Ghanees. Bovendien heeft referente de Nederlandse nationaliteit, evenals haar vader, met wie zij het contact na een moeizaam begin heeft gestabiliseerd. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder met deze belangen van referente in de belangenafweging onvoldoende rekening gehouden. Het bestreden besluit is genomen in strijd met artikel 3:2 en artikel 7:12 van de Awb, en artikel 8 van het EVRM.
Rechters
Advocaten
- F. Ietswaart
- H. Heinink
- I. PROCESVERLOOP
Partijen
Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
verweerder · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
