ECLI:NL:RBSGR:2007:BA6926
Rechtbank 's-Gravenhage · 24-04-2007 · zaaknummer AWB 04/47976 en AWB 04/47977
Inhoudsindicatie
Afghanistan / hersenspoeling / personal and knowing participation / art. 1F Eiser heeft verklaard sinds 1986 werkzaam te zijn geweest voor een onder de KhAD vallend weeshuis in Kabul, van waaruit hij een maand na zijn indiensttreding als begeleider van een groep weeskinderen naar Tasjkent (Oezbekistan) is gezonden, alwaar hij gedurende ongeveer 22 maanden aan de kinderen (tussen de vijf en negen jaar) onder meer politieke lessen heeft gegeven. Verweerder heeft de asielaanvraag van eiser afgewezen, omdat er op grond van eisers verklaringen, bezien in het licht van wat uit algemene bronnen bekend is, ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat eiser zich schuldig heeft gemaakt aan gedragingen, als bedoeld in artikel 1 (F), onder a en b, van het Vluchtelingenverdrag. In de door verweerder aangehaalde bronnen is - samengevat weergegeven - vermeld dat de desbetreffende weeshuizen fungeerden als centrum voor hersenspoeling, waar kinderen werden heengebracht om te worden getraind in guerrilla-oorlogvoering of politiewerkzaamheden, dan wel om te worden opgeleid tot geheim agent en saboteur. Het betroffen naast wezen tevens kinderen die werden ontvoerd of kinderen die werden afgestaan nadat de ouders waren bedreigd met arrestatie. Een groot aantal kinderen werd voor hun opleiding en training voor perioden van tien jaar of langer naar de Sovjet-Unie of een van de andere Oostblok-landen gestuurd. Zij werden vervolgens op jonge leeftijd (onder de vijftien jaar oud) terug naar Afghanistan gezonden om te infiltreren in het verzet, waarbij gebruik werd gemaakt van de Afghaanse traditie waarbij een kind wordt beschouwd als ‘mahsoom’ (onschuldig), om welke reden het kind immuun is en beschermd wordt in tijden van oorlog. Niet is geschil dat er sprake is van een misdrijf, als bedoeld in artikel 1 (F) van het Vluchtelingenverdrag. Voorts bestaat er geen aanleiding voor het oordeel dat verweerder zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat sprake is van ‘personal and knowing participation’. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich op het standpunt heeft kunnen stellen dat eiser op zodanige wijze betrokken is geweest bij het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 1 (F) van het Vluchtelingenverdrag, dat deze bepaling aan hem kan worden tegengeworpen. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
