ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4466
Rechtbank 's-Gravenhage · 06-03-2007 · zaaknummer AWB 06 / 23841
Inhoudsindicatie
Aanvraag visum kort verblijf voor familiebezoek aan vader afgewezen / ontvankelijkheid / vestigingsgevaar Verweerder heeft zich primair op het standpunt gesteld dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat de familiale band tussen eiseres en de hoofdpersoon niet is aangetoond. Subsidiair heeft verweerder de aanvraag afgewezen omdat niet is gebleken van een wezenlijke sociale en economische binding van eiseres met haar land van herkomst. Hierdoor wordt door verweerder getwijfeld aan het uiteindelijke reisdoel en de uiteindelijke verblijfsduur en bestaat er een gegronde vrees dat zij niet tijdig zal terugkeren naar haar land van herkomst of aan ander land waar haar toelating is gewaarborgd (vestigingsgevaar). De hoofdpersoon heeft, voor de beoordeling van de vraag of hij belanghebbende is in de zin van artikel 1:2, eerste lid, Awb, door het overleggen van een kopie van een geboorteakte van eiseres tijdens de bezwaarprocedure en een originele geboorteakte van eiseres in beroep, voldoende aangetoond dat de hoofdpersoon de vader is van eiseres. De rechtbank acht hiermee de familiale band tussen eiseres en de hoofdpersoon voldoende aangetoond en de hoofdpersoon kan in zijn beroep worden ontvangen. De hoofdpersoon heeft gesteld dat aan de voorwaarden voor het verlenen van het gevraagde visum is voldaan. Het reisdoel van eiseres is duidelijk. De eis van een economische band met het land van herkomst kan niet van eiseres verlangd worden, gelet op de jeugdige leeftijd van eiseres die ten tijde van de aanvraag 14 jaar oud was. De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Het bestreden besluit is niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en is niet deugdelijk gemotiveerd. De verplichting tot een zorgvuldige voorbereiding van een besluit door een bestuursorgaan vereist dat verweerder, alvorens op bezwaar te beslissen: - de hoofdpersoon in de gelegenheid had gesteld te reageren op de eerst in het bestreden besluit geuite twijfel die bij verweerder bestaat over de familiale band welke verweerder ook laat meewegen bij zijn standpunt dat niet is gebleken dat van een wezenlijk sociale binding van eiseres met het land van herkomst. Dit geldt temeer nu de hoofdpersoon met zijn bezwaarschrift een kopie van de geboorteakte van eiseres heeft overgelegd; - de hoofdpersoon had geconfronteerd met de formele eisen die kennelijk door verweerder worden gesteld in het verband van een wezenlijke economische binding. Verweerder heeft eerst in het besluit op bezwaar tegengeworpen dat eiseres geen bewijsstukken heeft overgelegd dat zij scholiere is. Verweerder heeft bovendien niet deugdelijk gemotiveerd dat de verklaringen die eiseres en de hoofdpersoon hebben afgelegd over de wezenlijke sociale binding van eiseres met haar land van herkomst, zodanig van elkaar verschillen dat getwijfeld kan worden aan de verblijfsduur van eiseres in Nederland. Zonder nadere motivering valt voorts niet in te zien waarom het wonen van eiseres in gezinsverband met haar twee broertjes, haar moeder en overige familie, niet of onvoldoende duidt op een sociale binding van eiseres met haar land van herkomst. Voor wat betreft het niet hebben van een (bij)baan of andere financiële verplichtingen is de rechtbank van oordeel dat het hebben van dergelijke verplichtingen niet in redelijkheid van een kind van 14 jaar kunnen worden verwacht.
Rechters
Advocaten
- R.M.I. Banning
- S. de Schutter
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
