Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4369

Rechtbank 's-Gravenhage · 06-04-2007 · zaaknummer AWB 06 / 55101

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Aanvraag verblijfsvergunning regulier onder andere beperking / materieel eenzelfde geschil / geen herhaalde aanvraag / mvv-vereiste De aanvragen van verzoekster van 22 september 1997 en 17 september 2002 strekken beiden tot gezinshereniging bij haar ouders. Eerstgenoemde aanvraag is, blijkens het besluit van 5 juni 1998 afgewezen op andere gronden dan het mvv-vereiste. Dat besluit is naar inhoud en toetsingskader materieel niet vergelijkbaar met het in deze procedure bestreden besluit van 26 oktober 2006. De inhoud en het toetsingskader van het besluit op de aanvraag van 17 september 2002 is daarmee materieel wel vergelijkbaar. Evenals in het besluit op de onderhavige aanvraag is in het besluit op de aanvraag van 17 september 2002 besloten om de aanvraag van verzoekster af te wijzen, omdat zij niet beschikt over een geldige mvv en er geen aanleiding bestaat de toepassing van dat vereiste op grond van de hardheidsclausule dan wel artikel 8 EVRM achterwege te laten. Het onderhavige geschil is derhalve eenzelfde geschil als het geschil als waarover deze rechtbank en nevenzittingsplaats in zijn eerder vermelde uitspraak van 28 juli 2005 al heeft geoordeeld. De feiten en omstandigheden die verzoekster ter onderbouwing van haar beroep op de hardheidsclausule en artikel 8 EVRM thans in bezwaar heeft aangevoerd zijn dezelfde als die zij heeft aangevoerd bij haar aanvraag van 17 september 2002 dan wel in de bezwaarprocedure tegen het besluit tot afwijzing van die aanvraag. Ten aanzien van die feiten en omstandigheden is in de voormelde uitspraak van 28 juli 2005 reeds onherroepelijk geoordeeld dat ze niet kunnen leiden tot een geslaagd beroep op de hardheidsclausule en artikel 8 EVRM. Ter zitting heeft verzoekster desgevraagd ook niet kunnen aangeven dat de feiten of omstandigheden op grond waarvan verzoekster nu een beroep op de hardheidsclausule en 8 EVRM anders zijn dan voorheen. Bij deze stand van zaken zal de rechtbank in geval van beroep tegen een besluit op het bezwaar van 9 november 2006 zich niet ten tweede male over dat geschil een inhoudelijk oordeel vormen. De rechtbank zou anders in strijd handelen met het ne bis in idem beginsel, zoals dat voor de bestuursrechtspraak in vreemdelingenzaken nader is ingevuld in artikel 8:1 Awb gelezen in verband met artikel 69 Vw. Dat er in de onderhavige zaak materieel sprake is van eenzelfde geschil waarover de rechtbank niet ten tweede male inhoudelijk mag oordelen, betekent niet dat de onderhavige aanvraag dus een nieuwe (herhaalde) aanvraag in de zin van artikel 4:6 Awb. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is, binnen het Nederlands nationale stelsel van vreemdelingenrechtelijke wettelijk en beleidsbepalingen, een tweede of verdere aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd alleen een herhaalde aanvraag in de zin van artikel 4:6 Awb indien het een aanvraag betreft waarin wordt verzocht om een vergunning onder dezelfde beperking (zoals opgesomd in artikel 3.4 Vb) als bij de eerdere aanvraag is gedaan. In casu is daarvan geen sprake, immers de onderhavige aanvraag is anders dan de eerdere twee aanvragen van verzoekster niet gedaan onder de beperking gezinshereniging maar onder de beperking beschikking conform minister. Ofschoon de onderhavige aanvraag, naar het oordeel van de voorzieningenrechter, dus geen herhaalde aanvraag is in de zin van artikel 4:6 Awb, wordt het materiële toetsingskader van die aanvraag wel mede bepaald door het mvv-vereiste. Omdat verzoekster ook thans nog niet beschikt over een geldige mvv en zij ter zake van haar beroep op de hardheidsclausule en 8 EVRM geen andere feiten of omstandigheden heeft aangevoerd dan waarover deze rechtbank en nevenzittingsplaats al een onherroepelijk oordeel heeft gegeven, zal de voorzieningenrechter het bezwaar ongegrond verklaren.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [verzoekster]

    verzoekster · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.