Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4350

Rechtbank 's-Gravenhage · 01-05-2007 · zaaknummer AWB 07/16527

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Vreemdelingenbewaring / zicht op uitzetting / China / geringe afgifte reisdocumenten De rechtbank concludeert dat er slechts in een gering aantal gevallen laissez-passers worden verstrekt, maar dat dit slechts geldt voor Chinese vreemdelingen met een (kopie van een) identiteitsdocument of aan wie eerder een laissez-passer was verstrekt. Voor deze groep Chinese vreemdelingen bestaat, gelet op hetgeen de Afdeling hieromtrent in de uitspraak van 16 april 2007 (200701752/1) heeft overwogen, zicht op uitzetting. Nu evenwel aan Chinese vreemdelingen zonder documenten reeds sinds april 2006 geen laissez-passers worden verstrekt, dient naar het oordeel van de rechtbank aangenomen te worden dat voor een Chinese vreemdeling zonder reis- of identiteitsdocument of een kopie daarvan geen sprake is van een reëel zicht op uitzetting binnen redelijke termijn. Het is aan verweerder om aannemelijk te maken dat niettemin zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn bestaat. Dit neemt niet weg dat in beginsel het aan de vreemdeling is om een reis- of identiteitsdocument te verkrijgen. De vreemdeling die stelt niet over documenten te beschikken, dient naar het oordeel van de rechtbank aan te tonen dat hij voldoende pogingen heeft ondernomen om een reis- dan wel identiteitsdocument te verkrijgen. Zolang hij dat niet kan, dient ervan uit te worden gegaan dat hij in het bezit kan komen van een dergelijk document. Indien de vreemdeling hieraan voldoet, heeft hij naar het oordeel van de rechtbank, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, voldoende feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan moet worden aangenomen dat ten aanzien van hem geen sprake is van een reëel zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn. In het onderhavige geval heeft eiser gesteld doch niet onderbouwd aan de hand van stukken dat hij pogingen heeft ondernomen in het bezit te komen van een document. Gelet daarop kan naar het oordeel van de rechtbank thans niet worden gesteld dat er geen zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn bestaat.

Advocaten

  • D.H. van den Elzen
  • G.D. Tjou Tam Sin

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.