ECLI:NL:RBSGR:2007:BA2462
Rechtbank 's-Gravenhage · 26-03-2007 · zaaknummer AWB 06/4263 WW
Inhoudsindicatie
Geding tussen eiser en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) over het wel of niet in aanmerking komen voor een uitkering ingevolge de Werkloosheidswet (hierna: WW). Verweerder heeft het besluit om eiser bij wijze van maatregel een uitkering ingevolge de WW te weigeren gehandhaafd, omdat eiser door zijn dienstbetrekking voortijdig te beëindigen verwijtbaar werkloos is geworden en verweerder in die periode daardoor is benadeeld. Eiser heeft gemotiveerd betoogd dat hij niet verwijtbaar werkloos is geworden door de voortijdige beëindiging van zijn dienstbetrekking bij. Aan de voortzetting van dit dienstverband waren zodanige bezwaren verbonden dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem kon worden gevergd. Deze bezwaren liggen in de medische sfeer. Eisers medische klachten zijn toegenomen als gevolg van enkele incidenten bij die werkgever. De rechtbank is van oordeel dat aan de voortzetting van eisers dienstbetrekking zodanige bezwaren waren verbonden dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem kon worden gevergd. Dit betekent dat de voortijdige beëindiging van eisers dienstbetrekking niet kan leiden tot verwijtbare werkloosheid. Beroep gegrond.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
