Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9082

Rechtbank 's-Gravenhage · 09-06-2006 · zaaknummer AWB 06/23515, 06/25865

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Bewaring / voortduring / twijfel identiteit en nationaliteit / onderzoek. Eiseres heeft de Burundische nationaliteit. In de uitleg van artikel 5 eerste lid, aanhef en onder f, EVRM in combinatie met het voorschrift in het vierde lid van dat artikel, dat inhoudt dat ieder het recht heeft voorziening te vragen bij het gerecht om de rechtmatigheid van de detentie te beoordelen, vloeit voort dat de rechtbank, zoals eiseres ook heeft gesteld, dient te toetsen of de regels waarop de vrijheidsbeneming van eiseres is gebaseerd voldoende toegankelijk en precies zijn, om willekeur te vermijden bij de toepassing van de onderhavige vrijheidsontneming om illegale grensoverschrijding te voorkomen. Met artikel 6 en 94, vierde lid, Vw 2000 en de beleidsregels in C3/12.3.3.1 Vc 2000 ligt er een nationaal wettelijk kader (wettelijke regels en beleidsregels) voor, waarmee de rechter de rechtmatigheid van de toepassing door verweerder van de vrijheidsontnemende maatregel voor de situatie van eiseres kan toetsen. Anders dan eiseres stelt, is dat kader voor gevallen als de hare ook voldoende precies om een willekeurige toepassing tegen te gaan. Voor de situatie van eiseres is immers relevant de voldoende concrete afbakening in de beleidsregel in C3/12.3.3.1, onder d, Vc 2000 waaruit volgt dat vrijheidsontneming hangende de behandeling van een in het aanmeldcentrum ingediende asielaanvraag slechts wordt voortgezet indien er redelijke twijfel is over de identiteit of nationaliteit van de asielzoeker en het antwoord op de vraag naar haar identiteit/nationaliteit naar verwachting binnen een overzienbare termijn van zes weken tot klaarheid kan worden gebracht. Deze criteria verdragen zich overigens ook met de Conclusion 44 (XXXVII) “Detention of Refugees and Asylum-Seekers” van 13 oktober 1986 van het Executive Committee van het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR) waarin is aangegeven dat detentie van asielzoekers normaliter moet worden vermeden, maar indien nodig, onder meer, toegelaten is op bij de wet voorgeschreven gronden om de identiteit van de asielzoeker te verifiëren. Verweerder is doende onderzoek te verrichten naar de identiteit en nationaliteit als in C3/12.3.3.1, onder d, Vc 2000 bedoeld. Eiseres heeft niet gesteld en a fortiori niet aannemelijk gemaakt dat dat onderzoek niet binnen zes weken kan worden afgerond. Voortzetting van de maatregel op grond van C3/12.3.3.1, onder d, Vc 2000 is in redelijkheid daarom gerechtvaardigd. Met betrekking tot de grief dat de tenuitvoerlegging van de opgelegde maatregel dient te worden gewijzigd in een vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 6, eerste lid, Vw 2000 gelet op het bepaalde in artikel 37 IVRK overweegt de rechtbank dat het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel ex artikel 6, eerste en tweede lid, Vw 2000, mede gelet op bestaande jurisprudentie, op zichzelf niet reeds onrechtmatig is indien er sprake is van één of meer minderjarige kinderen. Beroep ongegrond verklaren, afwijzing verzoek om schadevergoeding.

Rechters

Advocaten

Partijen

  • [eiseres]

    eiseres · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.