ECLI:NL:RBSGR:2006:AX8374
Rechtbank 's-Gravenhage · 09-05-2006 · zaaknummer AWB 06/19654, 06/19648
Inhoudsindicatie
AC-procedure / geloofwaardigheid / nader onderzoek documenten / motivering. Verweerder heeft het verslag van nader gehoor ten grondslag mogen leggen aan de beoordeling van de aanvraag. Gezien de door verzoekster aangegeven omstandigheden, namelijk dat zij zwanger is, gestresst was en eerder last had van hoge bloeddruk, heeft verweerder zorgvuldigheidshalve geverifieerd of verzoekster gehoord kon worden. De GGD-arts heeft op het formulier ‘advies GGD Amsterdam’ vermeld dat op basis van een gesprek met verzoekster kan worden meegedeeld dat zij gelet op haar medische situatie gehoord kan worden. Op grond van dat door een ter zake deskundige uitgebracht advies, heeft verweerder zich op het standpunt kunnen stellen dat tegen het horen geen medische bezwaren bestonden. Een uitgebreide medische rapportage was niet geïndiceerd. Het Istanbul Protocol, waarop verzoekster zich heeft beroepen, heeft in directe zin geen betrekking op de vraag of iemand al dan niet in staat is gehoord te worden. Er waren geen aanwijzingen dat verzoekster in verband met haar psychische gesteldheid als gevolg van traumatiserende gebeurtenissen niet in staat was te worden gehoord. Ten aanzien van verzoeksters beroep op de uitspraak AWB 05/22929 van de voorzieningenrechter van deze rechtbank, zittinghoudende te Amsterdam, van 9 juni 2005 is overwogen dat in deze zaak het mogelijke bestaan van PTSS een zwaarwegende factor bij de toewijzing van het verzoek was. Er is derhalve geen sprake van een gelijke zaak. Verweerder heeft in redelijkheid het ontbreken van reis- of identiteitspapieren ten nadele van verzoekster bij het onderzoek kunnen betrekken. Verzoekster heeft wel andere, originele, documenten overgelegd ter staving van haar aanvraag. Nu zij deze direct bij de aanvraag heeft overgelegd heeft verweerder deze documenten bij het onderzoek kunnen betrekken. Verweerder heeft deze documenten niet nader onderzocht omdat deze documenten niet direct betrekking hebben op verzoekster en omdat de inhoud strijd is met het ambtsbericht inzake Armenië van 7 december 2005. Vorenstaande motivering van verweerder is niet begrijpelijk. Weliswaar hebben de documenten betrekking op verzoeksters echtgenoot en schoonfamilie, maar de discriminatie die zij beweerdelijk hebben ondervonden vormt de kern van de door verzoekster gestelde problemen. Ook de gebeurtenis die voor verzoekster aanleiding was om Armenië te verlaten houdt direct verband met de problemen die de schoonfamilie heeft ondervonden. De omstandigheid dat de documenten niet direct betrekking hebben op verzoekster kan dan ook in redelijkheid geen reden zijn om de documenten voor de beoordeling van het asielrelaas niet relevant te achten. Daar komt bij dat in het bestreden besluit mede verband wordt gelegd met de afwijzing van de aanvraag van verzoeksters echtgenoot. Of de overgelegde documenten concrete aanwijzingen bevatten dat de inhoud van het ambtsbericht niet juist is, kan pas worden vastgesteld na nader onderzoek van deze documenten. De redenering van verweerder leidt er toe dat nimmer met documenten zou kunnen worden aangetoond dat een ambtsbericht op een bepaald punt niet juist is dan wel in een bepaald geval niet opgaat. Deze opvatting kan niet worden gevolgd. Verweerder heeft de overgelegde documenten derhalve niet met de gegeven motivering buiten beschouwing kunnen laten en niet zonder onderzoek daarnaar kunnen concluderen tot ongeloofwaardigheid. Beroep gegrond, afwijzing verzoek.
Rechters
Advocaten
- J.J. Hofland
- T.H. Meeuwis
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
