Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2006:AV7573

Rechtbank 's-Gravenhage · 15-02-2006 · zaaknummer 03/47733, 04/22883

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Somalië / interim measures / herhaalde aanvraag / artikel 3 EVRM. De feiten die uit het ambtsbericht inzake Somalië van 22 november 2004 blijken, worden aangemerkt als nova als bedoeld in artikel 83 Vw 2000. De rechtbank heeft overwogen dat bij het opstellen van het ambtsbericht op hoofdlijnen van dezelfde informatie is uitgegaan als door eiser overgelegd. Uit de informatie die dateert van na het uitbrengen van het ambtsbericht blijkt niet dat de situatie in de zogenoemde relatief veilige gebieden van Somalië na het uitbrengen van het ambtsbericht zodanig is gewijzigd dat verweerder daaraan de conclusie had moeten verbinden dat niet langer van de in het ambtsbericht vervatte informatie kon worden uitgegaan. De rechtbank heeft verder overwogen dat de door de EHRM afgekondigde interim measures als zodanig geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden in de zin van artikel 4:6 Awb zijn, nu dit gewijzigde jurisprudentie betreft. Eiser wordt niet gevolgd in zijn betoog dat uit het vaststellen van interim measures door het EHRM en uit de verder door hem overgelegde informatie blijkt dat de situatie in Somalië dermate verslechterd is dat aannemelijk is, dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt te worden onderworpen aan een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM. Gelet op de uitspraak van het EHRM van 6 februari 2003, in de zaak Mamatkulov, 46827/99, 46957/99, heeft de rechtbank overwogen dat aan de omstandigheid dat op grond van algemene informatie over Somalië interim measures zijn getroffen door het EHRM voor vreemdelingen die tot een bepaalde minderheidsgroep horen, niet de conclusie kan worden verbonden dat het EHRM het individualiseringsvereiste niet langer stelt ten aanzien van artikel 3 EVRM. De rechtbank heeft verder overwogen dat geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat verweerder niet in redelijkheid kon besluiten ten tijde van het bestreden besluit geen categoriaal beschermingsbeleid te voeren. Hoewel thans wel een categoriaal beschermingsbeleid door verweerder wordt gevoerd, valt uit dit beleid niet op te maken dat aan het voeren hiervan nieuwe feiten en omstandigheden ten grondslag hebben gelegen die voor verweerder ook aanleiding hadden moeten vormen het besluit van eiser niet onder verwijzing naar het eerdere besluit af te wijzen. Veeleer lijkt het thans gevoerde beleid voort te vloeien uit het niet kunnen verlengen van het vertrekmoratorium en onduidelijkheid ten aanzien van de beslissing die het EHRM zal gaan nemen. Beroep ongegrond.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.