ECLI:NL:RBSGR:2004:AR5223
Rechtbank 's-Gravenhage · 29-10-2004 · zaaknummer 09-074629-03
Inhoudsindicatie
Een beslissing tot ten uitvoerlegging van de vervangende hechtenis dient te worden genomen door de officier van justitie; die beslissing kan niet worden overgelaten of gemandateerd aan het CJIB. De officier van justitie heeft ter zitting overlegd een bericht aan het CJIB van 2 juli 2004 waarin staat vermeld: "Hierbij de beslissing naar aanleiding van het niet (volledig) uitvoeren van een taakstraf". Dat stuk is door de officier van justitie ondertekend. Hieruit blijkt dus dat de officier van justitie in deze zaak zelf de beslissing als bedoeld in artikel 22g lid 1 van het Wetboek van Strafrecht heeft genomen. Ingevolge de laatste volzin van meergenoemd eerste lid van artikel 22g van het Wetboek van Strafrecht geeft het Openbaar Ministerie van de beslissing tot ten uitvoerlegging van de vervangende hechtenis kennis aan veroordeelde. De rechtbank merkt op dat in de wet niet is voorgeschreven dat de door de officier van justitie getekende beslissing zelf aan de verdachte moet worden betekend. Ingevolge de wet is voldoende dat van die beslissing kennis wordt gegeven. Dat laatste kan naar het oordeel van de rechtbank geschieden door tussenkomst van het CJIB.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- J.W. van Leeuwen
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
