ECLI:NL:RBSGR:2004:AR4412
Rechtbank 's-Gravenhage · 10-09-2004 · zaaknummer AWB 04/38597
Inhoudsindicatie
Bewaring / zicht op uitzetting / Somalië. Eiser behoort tot de Darodclan, subclan Marehan. Het EHRM heeft een gemotiveerde interim measure ten behoeve van een lid van de Darodclan getroffen. Gelet op het algemene karakter van de motivering voor de getroffen interim measure, is de rechtbank van oordeel dat de interim measure vooralsnog niet alleen in de weg staat aan uitzetting naar Noord-Somalië van vreemdelingen van Somalische nationaliteit die behoren tot de Majerteen, maar ook aan de uitzetting van Marehan. Hierbij is van belang dat de Majerteen tot één van de grote clanfamilies behoort in het noorden van Somalië (Puntland). De Marehan daarentegen hebben een hoofdgebied in Centraal-Somalië. Nu een lid van de Majerteen niet gedwongen kan worden uitgezet naar het noorden van Somalië, geldt dat temeer voor een lid van de Marehan. Dit leidt tot het oordeel dat de inbewaringstelling onrechtmatig was vanwege het ontbreken van zicht op uitzetting. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
- A.H. Kras
- H.M. Pot
- I. Ontstaan
Partijen
Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
