ECLI:NL:RBSGR:2003:AM1461
Rechtbank 's-Gravenhage · 26-06-2003 · zaaknummer AWB 02/8832
Inhoudsindicatie
Intrekking vvtv / artikel 8 EVRM. Verweerder heeft in redelijkheid de aan eiseres verleende vvtv kunnen intrekken. Ten aanzien van het beroep op artikel 8 EVRM wordt overwogen dat de asielaanvraag van eiseres dateert van 19 november 1996. Op 1 juli 1998 is een scheiding aangebracht tussen reguliere aanvragen en asielaanvragen. De rechtbank verwijst naar de uitspraak AWB 01/38784 van 19 februari 2003 en overweegt, mede gelet op de datum van de aanvraag voor een verblijfsvergunning, verweerder aan artikel 8 EVRM moet toetsen bij het besluit de vvtv in te trekken. Voorts overweegt de rechtbank dat uit hoofdstuk C6/31 Vc 2000 niet blijkt dat de opsomming van artikelen die een rol kunnen spelen bij de intrekking, een limitatief karakter heeft. De bevoegdheid om de vergunning in te trekken is bovendien beperkt door verdragsrechtelijke bepalingen. Het EVRM valt hier onder, zodat ook om deze reden verweerder de intrekking van de vvtv had dienen te toetsen aan artikel 8 EVRM. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
- I. PROCESVERLOOP
- J.A.W. van 't Westeinde
- M.E. Muller
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
