Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2003:AI1414

Rechtbank 's-Gravenhage · 18-06-2003 · zaaknummer AWB 01/70429, 02/465

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Geloofwaardigheid asielrelaas / ontbreken documenten. De rechtbank is van oordeel dat verweerders beroep op artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw 2000 als tardief dient te worden gepasseerd. De tekst van dit artikel is niet in de bestreden besluiten opgenomen. Wel is verwezen naar de besluiten in primo, waarvan de inhoud als daarin herhaald en ingelast dient te worden beschouwd. In het besluit in primo van eiser is summier iets gezegd over het ontbreken van documenten, hetgeen afbreuk doet aan de betrouwbaarheid van eisers asielrelaas, echter daarbij is het - destijds vigerende - artikel 15c, eerste lid, aanhef en onder f, Vw niet als grondslag van het besluit genoemd. In het besluit in primo van eiseres is in het geheel niets gezegd over het ontbreken van documenten. Daaraan voegt de rechtbank nog toe, dat blijkens de Vc 2000 aan de toepasselijkheid van artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw 2000 op voorhand al een oordeel wordt verbonden over de geloofwaardigheid van het asielrelaas, terwijl onder de vigeur van artikel 15c, eerste lid, aanhef en onder f, Vw dat oordeel eerst werd gegeven na een inhoudelijke beoordeling van de asielaanvraag, waarbij het toerekenbaar ontbreken van documenten altijd in de context van het totale feitencomplex werd beschouwd. De verwijzing naar de besluiten in primo waar het betreft het ontbreken van documenten vormt dan ook onvoldoende grond om het bepaalde in artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw 2000 in de beoordeling te betrekken. Daarbij komt dat tijdens de hoorzitting van de ambtelijke commissie wel door verweerder navraag is gedaan op het punt van het ontbreken van documenten ter staving van de aanvraag om toelating als vluchteling, en dat namens eisers toen is gewezen op de overlijdensakte van het kind van eisers. Niet is ingegaan op het belang van deze akte, noch op de vraag welke concrete (verdere) stukken noodzakelijk waren voor verweerders oordeelsvorming. Evenmin is ter beantwoording de vraag voorgelegd of en zo ja in hoeverre het ontbreken van noodzakelijke stukken toerekenbaar is. Door deze gang van zaken is het belang dat verweerder in casu hecht aan documenten eerst bij ontvangst van het verweerschrift c.q. ter zitting aan eisers duidelijk kunnen worden. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat enkele onderdelen van het asielrelaas ongeloofwaardig zijn. Een van de onderdelen is de verklaring van eisers dat de veiligheidsdienst in 1998 drie keer bij hen aan de deur is geweest, waarbij eiseres de derde keer is mishandeld, waardoor zij haar kind heeft verloren. Eiseres heeft deze verklaring in bezwaar echter onderbouwd met een overlijdensakte van het kind. Op deze akte is door verweerder niet ingegaan, maar verweerder heeft in de motivering van het bestreden besluit ten aanzien van eiseres, onder verwijzing naar het ten aanzien van eiser gegeven oordeel, wel geconcludeerd dat het ongeloofwaardig is dat eiseres zelf in juni 1998 van de zijde van de veiligheidsdienst problemen heeft ondervonden. Niet is gebleken dat genoemde akte in het onderzoek is betrokken. De rechtbank stelt vast dat verweerder bij de inhoudelijke beoordeling van het asielrelaas van eisers geen enkele waarde heeft gehecht aan de documenten, die wel door eisers zijn overgelegd en die betrekking hebben op het asielrelaas zelf. Verweerder heeft hiermee niets gedaan, althans niet op kenbare wijze, terwijl het relaas van eisers hierdoor wordt gesteund. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de bestreden besluiten onvoldoende gemotiveerd zijn. De bestreden besluiten worden vernietigd wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12, eerste lid, Awb.

Advocaten

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.