Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2003:AI0820

Rechtbank 's-Gravenhage · 08-07-2003 · zaaknummer AWB 02/93962

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Niet tijdig beslissen / gezinshereniging / referteperiode. Eiser stelt dat verweerder heeft miskend dat het bezwaar was gericht tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag. Op de aanvraag is niet binnen de wettelijke beslistermijn beslist, zodat het bezwaar tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zichzelf genomen gegrond is. De rechtbank acht evenwel de omstandigheid dat verweerder een gegrondverklaring van het bezwaar achterwege heeft gelaten geen reden om het bestreden besluit te vernietigen. Blijkens artikel 6:20, zesde lid, Awb, bestaat voor gegrondverklaring van het bezwaar of beroep tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag immers slechts aanleiding indien de indiener van het bezwaar- of beroepschrift daarbij belang heeft. Nu verweerder in het bestreden besluit de aanvraag inhoudelijk heeft beoordeeld, bestaat geen belang in het verkrijgen van een inhoudelijke beslissing op de aanvraag. Gesteld noch gebleken is dat eiser om andere redenen belang heeft bij een afzonderlijke gegrondverklaring. Ten aanzien van de referteperiode geldt met betrekking tot meerderjarige kinderen dat sprake is van duurzame opneming in een ander gezin indien de referteperiode meer dan één jaar bedraagt, tenzij sprake is van een goede reden voor de langere scheiding. De rechtbank is van oordeel dat verweerder op goede gronden heeft vastgesteld dat de gezinsband tussen eiser en zijn vader als feitelijk verbroken moet worden beschouwd. Niet is gebleken van bijzondere omstandigheden als genoemd in TBV 2002/8 op grond waarvan geconcludeerd zou moeten worden dat referent niet eerder om overkomst van eiser kon vragen. Dat referent niet eerder een aanvraag kon doen, omdat hij eerst per 1 januari 1998 zelf over een verblijfsvergunning beschikte, leidt niet tot een ander oordeel. Ingevolge TBV 2002/8 geldt immers niet als goede reden voor het overschrijden van de referteperiode dat degene bij wie verblijf wordt verzocht niet rechtmatig in Nederland verbleef. De rechtbank acht dit beleidsonderdeel niet kennelijk onredelijk. Beroep ongegrond.

Rechters

Advocaten

  • L. van Dijk

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.