Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2003:AH9735

Rechtbank 's-Gravenhage · 22-05-2003 · zaaknummer AWB 02/80768

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Rwanda / artikel 1F VSV. Verweerder stelt dat sprake is van ernstige redenen te veronderstellen dat eiseres misdrijven als bedoeld in artikel 1F, aanhef en onder a en b, Vluchtelingenverdrag heeft gepleegd. Het standpunt van verweerder steunt op het feit dat eiseres van 1992 tot 1994 als animatrice werkzaam is geweest bij Radio Rwanda en daarnaast actief lid was van de Mouvement Republicain National pour la Développement (MRND). Gelet op het ambtsbericht van 13 december 2001 bezien in samenhang met verschillende publicaties worden beide organisaties mede verantwoordelijk gehouden voor het organiseren en uitvoeren van de genocide in Rwanda. Eiseres kan in verband worden gebracht met het oproepen en aanzetten tot het plegen van massaslachtingen door Hutu’s. Daarbij vooronderstelt verweerder personal en knowing participation van eiseres. De rechtbank oordeelt dat verweerder tekort is geschoten om aannemelijk te maken dat Radio Rwanda zich in de periode dat eiseres daar werkzaam was schuldig maakte aan ernstige haatcampagnes gericht tegen Tutsi’s en gematigde Hutu’s. Uit het ambtsbericht kan niet worden afgeleid dat Radio Rwanda zich tijdens de in het geding zijnde periode heeft schuldig gemaakt aan het voorbereiden van de genocide en het voeren van haatcampagnes. Uit de door verweerder aangehaalde bronnen blijkt niet dat Radio Rwanda in de periode voorafgaande aan de genocide medeverantwoordelijk gehouden kan worden voor de verweten gedragingen. In het relaas van eiseres kan evenmin steun worden gevonden voor de stelling dat Radio Rwanda in de periode van 1992 tot 6 april 1994 aanzette dan wel opriep tot genocide. Daarbij acht de rechtbank van belang dat uit bronnen is gebleken dat reeds voordat eiseres bij Radio Rwanda kwam werken onder leiding van de toenmalige directeur bij de radio sprake was van een minder partijgebonden houding. Verder acht de rechtbank van belang dat Radio Rwanda gedurende de in het geding zijnde periode onder de verantwoordelijkheid viel van de minister van Informatie en deze persoon stond bekend als een gematigde Hutu. Uit de overgelegde getuigenverklaringen van de toenmalige radiodirecteur en de minister van Informatie is niet af te leiden dat door Radio Rwanda in de in geding zijnde periode racistische of opruiende programma’s zijn uitgezonden. Uit de door verweerder aangehaalde bronnen blijkt niet dat de MRND louter en alleen een extremistische organisatie was. Dat eiseres op grond van haar lidmaatschap van die partij medeverantwoordelijk kan worden gehouden voor het organiseren en uitvoeren van de genocide berust derhalve op een onvoldoende feitelijke grondslag. Beroep gegrond.

Advocaten

  • F.S. van Nierop
  • G.M.H. Hoogvliet

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.