ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9116
Rechtbank 's-Gravenhage · 16-05-2003 · zaaknummer AWB 02/35989
Inhoudsindicatie
Gezinshereniging / positieve verplichting. Niettegenstaande het feit dat gebleken is dat haar kennis van de Nederlandse taal redelijk is, concludeert de rechtbank dat eiseres niet zodanige banden met Nederland heeft opgebouwd dat dit voor haar moet worden aangemerkt als het meest aangewezen land. Eiseres heeft het grootste gedeelte van haar leven in Marokko verbleven. Voorts is niet gebleken dat Nederland voor eiseres vanwege haar schoolopleiding het meest aangewezen land is. Dat eiseres met haar opleiding eenvoudig een baan in Nederland zou kunnen verwerven, zegt verder niets over haar banden met Nederland. Voorts valt niet in te zien dat eiseres met haar opleiding geen baan in Marokko zou kunnen krijgen. De rechtbank kent geen doorslaggevende betekenis toe aan de stelling dat de belevingswereld van eiseres zich volledig in Nederland afspeelt en zij geen zelfstandige beslissing omtrent haar vertrek uit Nederland heeft kunnen nemen. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat eiseres eerst in 1998 een aanvraag om wedertoelating heeft gedaan, terwijl haar broer reeds in 1990 een dergelijke aanvraag heeft ingediend. Ten aanzien van de stelling van verweerder dat de relatie tussen eiseres en haar broers niet kan worden aangemerkt als familie- of gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM, omdat niet is gebleken van 'more than normal emotional ties', verwijst de rechtbank naar de uitspraak in de zaak Marckx van het EHRM van 13 juni 1979. Daarin is overwogen dat het gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM ten minste de betrekkingen tussen naaste bloedverwanten, bijvoorbeeld tussen grootouders en kleinkinderen, omvat. Naar het oordeel van de rechtbank is de relatie tussen broers en zussen aan te merken als naaste bloedverwant. Reeds daarom bestaat tussen eiseres en haar broers een als familie- of gezinsleven aan te merken relatie. Het is niet aan de rechtbank als eerste te oordelen of sprake is van inmenging in de zin van artikel 8 EVRM en of sprake is van zodanige bijzondere feiten en omstandigheden dat uit het recht op het respect voor dat familie- of gezinsleven de positieve verplichting voortvloeit om eiseres een mvv te verlenen. De rechtbank ziet aanleiding het beroep gegrond te verklaren en verweerder op te dragen met in achtneming van de uitspraak van de rechtbank een nieuwe beslissing op het bezwaarschrift te nemen.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
